Archief | Bijbel RSS feed for this section

Vakantiemijmering 3

26 Aug

We hadden een huisje gehuurd in Bruchhausen, een klein plaatsje tussen Olsberg en Willingen. Het plaatsje is bekend om de Bruchhauser Steine, een razend interessant geologisch fenomeen.

IMG_20170807_193341

Op onze klim naar boven werd onze aandacht getrokken door een klein houten bordje met een pijl die schuin omhoog wees. ‘Ewige Quelle’ stond er op het bordje. We klauterden langs de steile helling omhoog en opeens zagen we de bron. Een klein stroompje, verscholen in het groen.

IMG_20170807_192927

Hier, hoog op de berg, bevindt zich een bron die almaar stroomt. Het stroompje wordt gaandeweg breder en dieper. Langs het stroompje bloeit en groeit van alles. Deze bron, die zo klein en onooglijk begint, is voor de helling en het dal een bron van leven.

Ik moest denken aan het visioen van Ezechiël, een profeet die in een moeilijke tijd woorden van God door moest geven. In een van zijn visioenen ziet hij een klein riviertje uit de tempel  in Jeruzalem stromen. Hij moet de rivier volgen en geregeld door de rivier waden. Al snel is de rivier echter zo breed en diep geworden dat Ezechiël er nier meer doorheen kan lopen. Hij gaat kopje onder.

Die rivier uit de tempel brengt leven. Langs de rivier groeien bomen die vruchten geven en genezing brengen. De rivier zelf is zo heilzaam dat de Dode Zee (die in dit beeld staat voor de dood, het kwaad, het donker) weer levend wordt.

Zo werkt het met Gods kracht. Met Gods Geest. Later zegt Jezus (in Johannes 7, 37) ‘rivieren van levend water zullen stromen uit het hart van wie in mij geloofd’. Dat is de kracht van het geloof die we mogen ontvangen. Misschien lijkt het handelen van God in ons leven klein en onbeduidend. Misschien lijken ons eigen geloof, onze eigen woorden en handelingen er niet toe te doen. Maar wat klein begint in het hart van wie gelooft, zal tot een stroom van levend water worden.

Onderschat nooit wat jouw gebaar van meeleven, jouw actie vanuit liefde uitwerkt in het leven van de ander.

 

Advertenties

Vakantiemijmering 2

23 Aug

Tijdens een van onze wandelingen in Duitsland passeerden we een pelgrimsweg. Het bordje over de ‘Lebenswege’ raakte mij.

God die in Jezus zijn solidariteit en betrokkenheid heeft getoond. In de diepte ben je niet aan je lot overgelaten. tot in de diepste duisternis is het Licht voor de wereld afgedaald. Op de bodem van ons bestaan laat God zich vinden – juist daar.

IMG_20170809_125549

Welk lijden gaat met je mee? Waar ben je bang voor? Welk verdriet heeft zich vastgezet in je hart? Welke last ligt er op je schouders?

Existentiële vragen. Het is een geschenk dat er ruimte wordt geboden voor deze levensvragen. In een schitterende omgeving, langs een helling die beproeft. In de stilte van de schoonheid.

Het is een geschenk dat deze vragen gesteld worden in de beschutting van het gedicht dat doet denken aan psalm 131.

‘Bei Gott bin ich

geborgen, still wie

ein Kind. Bei ihm ist

Trost und Heil. Ja

hin zu Gott verzehrt

sich meine Seele,

kehrt Frieden ein.’

De moeilijke vragen maken ruimte voor de verhalen. Die ruimte brengt Gods heil en troost aan het licht. Soms in de schoonheid van de schepping. Soms in de arm op de schouder, in het luisterend oor. Soms in het stille zuchten van de wind – aangeraakt door de Eeuwige.

Moge Gods vrede met je meegaan op je levenspad.

Vakantiemijmering

15 Aug

Tijdens een wandeling op weg naar de top van de Olsberg troffen we twee bankjes aan  in een bijzondere opstelling.

IMG_20170809_205522

Ze stonden daar in afwachting om op de juiste plek neergezet te worden, maar zoals ze stonden, deed het me denken aan een kerkzaal. De berghelling als de plek om te ontvangen, om de stilte tot je te nemen.

Misschien is dat wel het heilzame van vakantie. Tijd hebben om stil te staan. Tijd hebben om te luisteren naar de stilte. Om niet langer geleefd te worden door het ritme van wat moet. Om niet langer geleid te worden door te hooggegrepen ambities of te hooggespannen verwachtingen.

Tijd om stil te staan en om te luisteren brengt mijn leven weer binnen de juiste proporties. Zoals psalm 131 zegt: “Heer, niet trots is mijn hart, niet hoogmoedig mijn blik. Ik zoek niet wat te groot is voor mij en te hoog gegrepen. Nee, ik ben stil geworden, ik heb mijn ziel tot rust gebracht. Als een kind op de arm van zijn moeder, als een kind is mijn ziel in mij.”

Die rust, die ervoer ik op de berghelling. Het is goed zo.

 

Gebeden in de nacht

29 Jun

Waarom God, waarom? Mijn levenskracht stroomt weg. De hoop glipt me door de vingers. Ik weet niet hoe ik de moed moet vinden om vol te houden om door te gaan. Soms, God, lijkt het duister van de nacht tastbaar te worden. Ik roep tot U, ik roep met al mijn kracht – maar mijn keel is schor, mijn mond is droog. Ik ben bang, God, omdat ik vrees dat U mij verlaten hebt. Ik ben bang, omdat ik U zo nodig hebt, maar U zo ver bent. U hebt beloofd dat U niet alleen laat, dat U troont op de lofzangen van Israël – waar bent U dan? Ziet u mij?

U antwoordt mij – help mij U te horen. Amen.

Naar psalm 22.

 

++++++++++++++++

Uit de diepte, God, roep ik tot U. Er komt geen geluid over mijn lippen, maar in mijn binnenste schreeuw ik het uit. Het is te diep – mijn last is te zwaar. Het donker trekt aan me, trekt me naar beneden.

Ik word gekweld door schaamte. Ik ga gebukt onder schuld. Ik durf mijzelf niet onder ogen te zien en verstop mij in mijn duister. Ik kleed mij in de nacht, maar ik verlies mijzelf.

In de diepte, God, speur ik naar hoop. Met heel mijn hart verlang ik naar het ochtendgloren. Naar licht.

God, bij U is vergeving, bij U mag ik opnieuw beginnen. God van bevrijding – om uw vrede bid ik, om aanvaarding en rust. Dat ik in uw licht opnieuw mag beginnen. Amen

Naar psalm 130

 

+++++++++++++++

Ik ben U kwijt God. Wat er met mij gebeurt, wat er om mij heen gebeurt, kan ik niet rijmen met uw Naam. Het breekt me bij mijn handen af. Mensen om mij heen vertellen dat U een God van dichtbij bent. Mensen om mij heen roemen uw trouw. Maar God, ik zie het niet. Ik zie U niet. De ellende ontneemt me de adem. En U God, U slaapt.

Wordt toch wakker. Bekommer U toch om mij. God – omwille van uw Naam! Amen

Naar psalm 44

 

 

 

Vijf lessen van Zacheüs

14 Mrt

Laat ik eerlijk zijn. Zacheüs lijkt niet direct de meest inspirerende of sympathieke persoonlijkheid uit de Bijbel. Hij werkte voor de Romeinse bezetter en verdiende daar goed aan. Hij inde voor hen de belastingen, maar had er geen enkele moeite mee om een flink bedrag in zijn eigen zak te steken. Logisch dat iedereen in Jericho liever met een boog om Zacheüs heen liep. Achter zijn rug om werden er vast veel grappen over hem gemaakt. Hij was namelijk nogal klein van stuk. En daar kwam bij dat de Joodse leiders een scherpe oordeel hadden over dat soort mensen.

Afbeeldingsresultaat voor boom israel

Nee, in Jericho waren ze hem liever kwijt dan rijk. Als Jezus echter door Jericho heen trekt, ziet Hij hem wél zitten. Sterker nog, Jezus roept hem bij zijn naam. ‘Zacheüs – vandaag wil ik bij jou langs komen!’ Zou Zacheüs Hem durven toelaten in zijn levenshuis?

Misschien voelt niemand zich verwant met Zacheüs, maar ik denk dat we allemaal een beetje op hem lijken. We kunnen deze vijf lessen leren van dit Bijbelverhaal:

1. Verstoppen is menselijk … 

Het lukt Zacheüs niet om in de buurt van Jezus te komen. Hij is te klein en de mensen hebben geen zin om voor hem opzij te gaan. Om toch een glimp van Jezus op te vangen, verstopt hij zich in een boom. Niemand die hem ziet, niemand die hem mag zien.

Ergens is dat herkenbaar. Misschien heb je, net als Zacheüs, geen schone lei. Je hebt dingen gedaan waar je je voor schaamt. Het gaat met je mee als een geheim. Wat kun je anders doen dan je verstoppen – in ieder geval figuurlijk? Voordat iemand er achter komt wie je echt bent.

Misschien zijn jou dingen aangedaan en draag je de breuken en butsen van het leven met je mee. Wat kun je je kwetsbaar en klein voelen. Je hebt geleerd om een muur om je hart heen te bouwen en maskers te dragen. Stel dat iemand ziet hoe je je echt van binnen voelt?

In die boom van Zacheüs is het druk. We verstoppen ons – helemaal of een deel van ons binnenste. Bang om ons te laten zien, bang wat anderen van ons vinden.

2. In de boom blijf ik de veilige toeschouwer …  

Zacheüs is in de boom geklommen, omdat hij het verlangen voelde om Jezus te zien. Maar omdat hij zich schuldig voelt of zich schaamt, blijft hij op afstand. Ergens wil hij kennis maken met die wonderlijke Jezus. Er doen allerlei verhalen de ronde: mensen die genezen zijn. Mensen die weer op de been zijn geholpen. Mensen die toekomst hebben ervaren. Mensen van wie de zonden zijn vergeven.

Zou Zacheüs daar misschien naar verlangen? Om gezien te worden. Als mens. Om een nieuwe kans te krijgen? Hij blijft echter op veilige afstand. Een toeschouwer. Geen deelnemer.

Zoals het kind op het schoolplein verlangend naar de andere kinderen kijkt en zo graag mee zou doen. Maar het maakt zich klein bij het hek en wacht.

3. Jezus ziet je zitten en roept je bij je naam

Het evangelie gebeurt in de ontmoeting tussen Jezus en Zacheüs. Hij zit daar verstopt, probeert op veilige afstand te blijven, maar Jezus ziet hem zitten. Hij roept Zacheüs. Hij roept niet: ‘He, tollenaar’.  Hij roept niet: ‘He, slachtoffer’ of ‘Chronisch zieke ‘ of ‘Buitenlander’ of  … Hij roept je bij je naam. Jezus doorbreekt patronen. Hij ziet niet de daden, de kwetsbaarheid of de tekorten, maar de mens. Jou.

Erkenning van wie je bent. Erkenning van je levensverhaal. Al aan het begin van de Bijbel, in Genesis 3, klinkt de roepende God: ‘Mens, waar ben je?’ We worden bij onze naam geroepen en aan het licht gebracht.

Zijn roep gaat gepaard met een spannende vraag: ‘Kan ik bij jou verblijven’. Ben je bereid jouw levenshuis voor Jezus te openen en Hem binnen te nodigen?

4. Het vraagt moed om Jezus te ontvangen

Wat moet het een spannend moment zijn geweest voor Zacheüs. Het moment dat Jezus stopte, omhoog keek en hem bij name riep. Zie je al die mensen kijken? Zie je hoe ze hun mening al klaar hebben? ‘Die Zacheüs, in een boom?!’ Zou Zacheüs niet een eerste neiging hebben gehad om nog verder weg te duiken?

Hij klimt echter uit de boom, en neemt Jezus mee naar zijn huis. Voel je de opluchting van Zacheüs? Merk je hoe genezend het is dat Jezus hem erkenning geeft, hem ziet en bij name noemt?

Het is die genezende aanwezigheid van Jezus waardoor Zacheüs helemaal verandert. Bekering. Totale ommekeer. De ontmoeting met Jezus maakt van Zacheüs een ander mens. Hij gaat iedereen die geleden heeft onder zijn dwingende manier van belasting innen compenseren.

Wat verandert er bij jou, als Jezus in jouw levenshuis mag verblijven?

5. Schort je oordeel op 

Tot slot is dit Bijbelverhaal een les aan Jericho, een les aan mij als omstander. Hoe snel heb ik mijn mening niet klaar? Hoe snel spreek ik niet over anderen? Hoe snel oordelen we niet over elkaar.

Voor je het weet, is de ander niet meer dan jouw oordeel. Wordt h/zij klein gemaakt door wat de buurt, de groep, de kerk van hem/haar vindt.

Jezus geeft ons een les. Iemand valt niet samen met zijn daden, met zijn beperkingen, met zijn kwetsbaarheid. Zie de mens.

Die erkenning geeft de ander de ruimte om te keren. Als gemeenschap kunnen we de oorzaak zijn dat mensen zich wel moeten verstoppen, omdat wij ze niet willen zien en niet willen erkennen. We kunnen echter ook Gods licht doorgeven door die ander bij zijn naam te noemen en aan het licht te brengen.

Leesrooster scholendienst Rehoboth

5 Mrt

Leesrooster themaweekJij bent mijn held!’

Een samenwerking van CBS Rehoboth en de Ontmoetingskerk

Inleiding

Heb jij een held? Spaar je plaatjes van iemand of van een groep? Heb je posters en foto’s van bekende mensen? Misschien ben je fan van K3 of van Kasper Dolberg van Ajax, of van Hidde ter Avest van FC Twente, of van –  nou ja, vul zelf maar in.

Wat denk je, zouden je ouders ook helden hebben? Vraag maar eens.

Related image

Wat maakt iemand tot een held? Ben je een held als je iets heel goed kunt? Als je heel dapper bent, of heel sterk? Misschien zijn helden wel de mensen die jou helpen om dromen waar te maken of om keuzes te maken.

Zou jij voor iemand anders een held kunnen zijn? Ik heb een keertje een buurjongen gehad die erg bang was voor water. Toen hij 6 jaar was, ging hij op zwemles. Hij durfde het water niet in, echt waar. En weet wat er toen gebeurde? Hij deed het toch! Hij overwon zijn angst en vertrouwde op de badjuf. Misschien is dat wel wat een held tot een held maakt: je angst durven overwinnen en te leren vertrouwen.

Daar gaan deze Bijbelverhalen ook over. Lees je mee?

Maandag 6 maart: Roept God mij?!

Lezen: Exodus 4, 10 – 14

10 Maar Mozes antwoordde: ‘Neemt u mij niet kwalijk, Heer, maar ik ben geen goed spreker. Dat is altijd al zo geweest, en daar is geen verandering in gekomen nu u tegen mij, uw dienaar, gesproken hebt. Ik kan nooit de juiste woorden vinden.’ 11 De HEER zei: ‘Wie heeft de mens een mond gegeven? Wie maakt iemand stom of doof, ziende of blind? Wie anders dan ik, de HEER? 12 Ga nu, ik zal bij je zijn als je moet spreken en je de woorden in de mond leggen.’

13 Maar Mozes hield vol: ‘Neemt u mij niet kwalijk, Heer, stuur toch iemand anders, wie u maar wilt.’ 14 Nu werd de HEER kwaad op Mozes. ‘Je hebt toch een broer, de Leviet Aäron!’ zei hij. ‘Ik weet dat hij welbespraakt is. Hij is al naar je onderweg en zal blij zijn je te zien. 15 Vertel jij hem wat hij moet zeggen. Ik zal bij jullie zijn als je moet spreken en jullie ingeven wat je moet doen.

Image result for mozes

We vallen een beetje midden in een spannend verhaal. Het is eigenlijk een wonder dat Mozes nog leeft. Mozes was gevlucht en was ergens anders overnieuw begonnen. Waarom hij gevlucht was? Nou, Mozes was opgegroeid in het paleis van de koning van Egypte. Maar eigenlijk was hij geen Egyptenaar, maar een Israëliet (lees het maar eens na in de Bijbel). De Egyptenaren waren de baas en hadden meestal een hekel aan de Israëlieten. Die moesten heel hard werken en werden op allerlei manier gepest. Dat maakte Mozes zo kwaad, dat hij op een keer een Egyptenaar dood had geslagen. Geschrokken vluchtte Mozes weg uit Egypte.

In de woestijn is hij een nieuw leven begonnen. Hij is getrouwd, heeft kinderen en een baan. Als herder zorgt hij voor de schapen.

Op een van de tochten met de schapen wordt hij door God geroepen. God zegt tegen Mozes: ‘Jij moet de leider worden van Israël en hen uit Egypte weghalen’.  Mozes schrikt zich echt een ongeluk. ‘Ik?!’ denkt hij in paniek. Hij verzint allerlei tegenwerpingen. ‘Ik kan het niet, ik durf het niet’. Toch blijft God in Mozes geloven. ‘Mozes’, zegt God. ‘Jij kunt het, want Ik ga met je mee’.

Maar dan komt het hoge woord eruit. ‘Ik kan niet zo goed spreken. Ik vergeet wat ik wil zeggen, Ik haal woorden door elkaar. Ik kan het gewoon niet’. Maar dan zegt God: ‘Toch blijf ik in jou geloven. Ik zal je broer meesturen, zodat hij jou kan helpen’.

Vraag: Herken je dat, dat je wel eens iets moest doen wat je eigenlijk niet durfde? of waarvan je dacht dat je het niet zo kunnen, maar dat het toch gelukt is? Hebben je ouders ook wel eens zoiets meegemaakt?

Gebed: Lieve Vader in de hemel, dank U wel dat U ons roept en met ons mee gaat in de dingen die we doen. Wilt U ons helpen om angsten te overwinnen en met vertrouwen te leven? Amen

Dinsdag 7 maart: Een handvol is genoeg

Lezen: Rechters 7, 8 – 10

 Gideon hield dus alleen die driehonderd man bij zich en stuurde de rest van de Israëlieten weg, elk naar zijn eigen woonplaats. Maar eerst had hij hun proviand overgenomen, en al hun ramshoorns. Het kamp van de Midjanieten lag beneden hem, in de vallei. 9 Die nacht zei de HEER tegen Gideon: ‘Het is zover! Doe een aanval op hun kamp; ik geef het je in handen. 10 En als je geen aanval durft te wagen, sluip dan met je knecht Pura naar beneden.

Image result for gideon

 In de tijd dat Gideon leefde, ging het niet goed met Israël. Elk jaar, als de oogst op het land stond en bijna binnengehaald kon worden, kwamen er vijanden die alles kapot maakten. De Israëlieten waren niet in staat om zich te verdedigen. Al zeven lange jaren achter elkaar werden de oogsten vernietigd en werd er van alles geroofd. Er heerste bittere armoede in Israël.

Maar dan komt er een engel bij Gideon. ‘Jij moet Israël redden’. Ergens is Gideon er niet helemaal gerust op. Hij vraagt een paar keer om een teken aan God of Hij hem echt wil helpen. En dan verzamelt Gideon een heel leger. Hij vraagt aan alle mannen in Israël die kunnen vechten, om hem te helpen. God heeft echter andere plannen. Het gaat niet om de grote van het leger, maar om het vertrouwen op God. Het leger van Gideon wordt steeds kleiner. Tot slot heeft Gideon nog maar 300 soldaten over. Driehonderd! Kun je daarmee de vijand ooit verslaan?

God begrijpt goed dat Gideon bang is. Bang zijn is op zich niet erg. ‘Sluip vannacht maar met je knecht naar het legerkamp van de vijand. Luister maar wat daar gezegd wordt’. Met deze God durft Gideon het te wagen. Een klein leger tegen een overmacht. Toch weet Gideon Israël weer te bevrijden van de vijanden. Er breekt een rustige periode aan. Door Gods hulp!

Vraag: wanneer voel jij je veilig? Voel je je ook wel eens niet zo veilig? Wat doe je dan?

Gebed: Lieve God, dank U wel dat U dicht bij ons wilt zijn. Ook als we ons misschien een beetje alleen voelen, weten we dat U bij ons bent. Wilt U ons helpen om te groeien in vertrouwen op U? Amen

Woensdag 8 maart: Een spannend begin

Lezen: Ruth 1, 16 – 19

Maar Ruth antwoordde: ‘Vraag me toch niet langer u te verlaten en terug te gaan, weg van u. Waar u gaat, zal ik gaan, waar u slaapt, zal ik slapen; uw volk is mijn volk en uw God is mijn God. 17 Waar u sterft, zal ook ik sterven, en daar zal ik begraven worden. De HEER is mijn getuige: alleen de dood zal mij van u scheiden!’ 18 Noömi zag dat Ruth vastbesloten was om met haar mee te gaan en drong niet langer aan. 19 Zo gingen zij samen verder, tot in Betlehem. Hun aankomst in Betlehem baarde veel opzien.

Image result for ruth

Ruth weet het zeker. ‘Ik ga met U mee, moeder’. Ze houdt veel van haar schoonmoeder, bij haar voelt ze zich thuis. Ze hebben samen veel meegemaakt. Steeds was Noömi er om voor haar te zorgen. Nu wil Ruth ook graag voor haar schoonmoeder zorgen.

Zo gaan ze samen op weg. Op weg naar Israël, het land van Noömi. Bij elke stap laat Ruth haar vertrouwde omgeving achter haar. Hoewel ze blij is dat ze met haar schoonmoeder mee gaat, valt het Ruth ook zwaar. hoe zullen de mensen in haar nieuwe land op haar reageren? Zullen ze haar accepteren? Je moet weten dat Ruth geboren en opgegroeid is in Moab, een buurland van Israël. Vaak maken de twee landen ruzie met elkaar. Zou Ruth vriendelijk ontvangen worden?

Ruth en Noömi gaan in Bethlehem wonen, de plaats waar Noömi vandaan komt. Het valt in het begin niet mee. Maar als Ruth Boaz ontmoet die vriendelijk en zorgzaam is, verandert haar leven. Ze was eerst bezorgd, maar toch bleef ze vertrouwen. Misschien is dat wel wat echt dapper is: ook als je niet weet hoe het verder gaat, toch blijven vertrouwen dat God met je mee gaat en voor jou wil zorgen.

Vraag: Ken jij mensen die uit een ander land komen? En je ouders?

Gebed: Hemelse Vader, we bidden voor alle mensen die op de vlucht zijn. Voor alle mensen die in een nieuwe omgeving opnieuw moeten beginnen. Wilt U dicht bij hen zijn en hen mensen geven die vriendelijk en zorgzaam zijn? Amen

Donderdag 9 maart: Wie of wat is jouw Goliath?

Lezen: 1 Samuël 17, 38 – 41

Saul gaf hem zijn eigen uitrusting en hielp hem die aan te doen: een bronzen helm voor op zijn hoofd en een borstkuras. 39 Ten slotte gordde David het zwaard om en probeerde een paar passen te lopen, omdat hij aan zo’n zware uitrusting niet gewend was. ‘Ik kan hier niet mee lopen,’ zei hij tegen Saul, ‘ik ben dat niet gewend.’ En hij deed de uitrusting weer af. 40 Hij pakte zijn stok, zocht vijf ronde stenen uit de rivierbedding en stopte die in zijn herderstas. Toen liep hij op de Filistijn af, zijn slinger in de hand. 41 Met zware stappen kwam de Filistijn op David af, voorafgegaan door zijn schildknecht.

Image result for David en goliath

David is nog niet zo oud als hij in het legerkamp van de Israëlieten komt om wat spullen naar zijn oudere broers te brengen. Israël is in oorlog met de Filistijnen en de broers moeten meevechten. Als David in het kamp rondloopt, hoort hij de grootste en sterkste soldaat van de Filistijnen de Israëlieten uitdagen, uitschelden en uitjouwen. Goliath heet hij. David wordt kwaad. Dit kan en mag niet. Hij wil deze Goliath een lesje leren.

Als Saul, de koning van Israël dit hoort, wil hij David helpen. Maar met de wapenrusting van Saul kan David helemaal niet uit de voeten. Nee, hij doet het harnas weer uit en gaat op Goliath af met waar hij goed in is en wat voor handen is. En in het vertrouwen op God.

Vraag: Goliath kan ook staan voor een moeilijkheid of een spannende uitdaging die je onder ogen moet zien. Wat is jouw Goliath? Wat of wie helpt jou?

Gebed: Lieve God, wilt U mij helpen om moeilijkheden te overwinnen en op U te vertrouwen? Amen

Vrijdag 9 maart: Jezus ons licht en leven

Lezen: Johannes 8, 12

Jezus nam opnieuw het woord. Hij zei: ‘Ik ben het licht voor de wereld. Wie mij volgt loopt nooit meer in de duisternis, maar heeft licht dat leven geeft.’

Image result for jezus het licht

Jens is onrustig. Hij woelt heen en weer in zijn bed. Hij verstopt zich diep onder de deken en doet zijn kussen op zijn hoofd. Het helpt niets. Het is net of hij allerlei geluiden hoort. Hij voelt zijn hart bonken. Tranen branden achter zijn ogen. Voorzichtig schuift hij zijn kussen opzij en doet zijn ogen open. Niets. Hij ziet gewoon niets. Hij knijpt zijn ogen stijf dicht en spert ze gelijk weer wagenwijd open. Maar hij ziet helemaal niets. Fluisterend begint hij te roepen: ‘Mama? Mama!’ Gelukkig hoort zijn moeder hem. ‘Wat is er, Jens?’ vraagt mama, terwijl ze de lamp aandoet. Jens is zo blij dat zijn moeder er is, dat hij niets kan zeggen. ‘Ben je bang’? Jens knikt, terwijl hij met grote ogen zijn moeder aankijkt. ‘Het is ook wel erg donker, vind je niet?’ Ze geeft Jens een knuffel, stopt hem lekker in en doet een klein nachtlampje aan. ‘Nu is het niet meer zo donker. Als je je een beetje alleen voelt, kijk je maar naar het lichtje, dan weet je dat je niet alleen bent’. Jens knikt. Hij begint te knikkebollen. Nog voordat zijn moeder de kamer uit is, valt hij in slaap.

Vraag: wat helpt jou als je bang bent?

Gebed: Here Jezus, dank U wel dat U het licht van de wereld bent. Dank U wel dat U naar de aarde bent gekomen, om het licht te zijn, hoe donker het soms om ons heen en in ons kan zijn. Geef dat we op uw licht leren vertrouwen en mogen weten dat we niet alleen zijn. Amen

zeven teksten tegen de duisternis

20 Feb

Soms kun je er even helemaal doorheen zitten. Je hebt te maken met teleurstellingen, een gevoel van algehele malaise of met gevoelens van minderwaardigheid. Misschien voel je je schuldig of schaam je je voor jezelf. Misschien heb je geprobeerd om je naar buiten goed voor te doen. Een muurtje om je narigheid heen, een masker voor de mensen om je heen. Nu lukt het niet meer en zit je er even doorheen. Het kan dan donker zijn.

Misschien kunnen deze onderstaande teksten je een zetje in de rug geven. Meditatietechnieken kunnen eventueel helpen om de Bijbelteksten beter te laten landen: kies een vast moment op de dag. Zoek een rustige plek en steek een kaars aan of kijk naar een afbeelding waar je rustig van wordt. Ga rechtop zitten met je voeten stevig op de grond, zodat je de grond goed voelt. Begin de meditatie met het gebed. Lees het Bijbelvers enkele malen rustig na elkaar.

De eerste dag: niet zonder hoop

Gebed: God van licht, vóór alles uit bid ik om uw Geest die ook in tijden van chaos en duisternis haar vleugels beschermend en herscheppend om mij heen wil slaan, zodat ik uw licht mag zien en hoop mag ervaren. Amen

Bijbeltekst: Genesis 1, 3 en 4. God zei: er moet licht komen, en er was licht. En God scheidde het licht van de duisternis.

Afbeeldingsresultaat voor kaarsje

Dit Bijbelvers aan het begin van de Bijbel,  aan het begin van de schepping – nee, het begín van de schepping – is de grond onder onze voeten. Chaos en duisternis hebben niet het laatste woord. Hoop van Godswege is het eerste woord. Dat woord roept de chaos een halt toe. Misschien slaan de golven van het leven over je heen, is het donker geworden en heeft de chaos zich vastgezet in je hoofd en je hart. Maar probeer dit te onthouden: God laat het niet bij de duisternis. “Er moet licht komen”  – en er was licht!

Neem vandaag deze vraag met je mee: wat of wie geeft je hoop?

De tweede dag: beschutting

Gebed: God vol ontferming, in een wereld die soms onbarmhartig is, zoeken we U – met onze levensverhalen waardoor we ons soms verloren en onbeschut voelen. We zoeken U en bidden we om uw beschermende vleugels om ons heen. We bidden in de beschutting van uw Woord om geborgenheid, om uw vrede. Amen

Bijbeltekst: Psalm 61, 3b – 5a  Breng mij op de rots hoog boven mij, U bent altijd mijn schuilplaats geweest, een toren te sterk voor de vijand. Laat mij altijd wonen in uw tent, veilig verscholen onder uw vleugels.

Afbeeldingsresultaat voor onder uw vleugels

Het verlangen naar beschutting, naar een plek waar je veilig benen tot rust kunt komen, kan groot zijn. Juist als je je onbeschermd en kwetsbaar voelt. Op de tweede dag schiep God de hemel. De koepel waar wij onder mogen wonen, de beschutting van Gods liefde waarin we mogen schuilen. Misschien kun je dit niet ervaren, en tonen de gebeurtenissen in je leven het tegendeel aan. Waar is die God dan?! Het is – ook dan – Gods belofte waar we ons aan vast mogen houden. God is onze schuilplaats. Onder zijn vleugels mogen we schuilen.

Neem vandaag deze vraag met je mee: wanneer heb jij je geborgen gevoeld?

De derde dag: grond onder voeten

Bijbeltekst: Psalm 46, 2 – 3 God is voor ons een veilige schuilplaats, een betrouwbare hulp in de nood. Daarom vrezen wij niet, al wankelt de aarde en storten de bergen in het diepst van de zee.

Afbeeldingsresultaat voor rots golven

Het beangstigende van een aardbeving is dat de grond waarop je staat, wankelt. Op dat moment is er geen enkel houvast meer – het fundament stort in. Dat kan ook in psychisch of spiritueel opzicht gebeuren. We meenden houvast te hebben, maar het schudt en wankelt. Zelfs de bergen – die staan toch als een huis?! – storten in zee. Maar, zegt psalm 46, zelfs dan hoef je niet bang te zijn, hoef je niet te vrezen. Het is God die stevig staat als een rots. hij maakte op de derde dag vaste grond onder de voeten. Op die grond mag je staan. Op adem komen. God is een betrouwbare schuilplaats – al wankelt de aarde …

Neem vandaag deze vraag met je mee: waar vind jij vaste grond?

De vierde dag: lichtpuntjes

Bijbeltekst: Psalm 27, 1 De HEER is mijn licht, mijn behoud, wie zou ik vrezen? Bij de HEER is mijn leven veilig, voor wie zou ik bang zijn?

Afbeeldingsresultaat voor zonsopkomst kruis

Het kan donker zijn in je leven. Donker maakt angstig. Het is goed om dan te bedenken dat God de zon, de maan en de sterren heeft geschapen. Juist als het donker wordt, komen de sterren aan het licht. Herinner je dat God zelf het licht is, jouw licht is. In zijn licht mag je op adem komen, rust vinden. Bij God ben je veilig – je hoeft niet bang te zijn.

Neem vandaag deze vraag met je mee: waar zie je lichtpuntjes?

De vijfde dag: verwondering

Bijbeltekst: psalm 8, 4 – 5  Zie ik de hemel, het werk van uw vingers, de maan en de sterren door u daar bevestigd, wat is dan de sterveling dat u aan hem denkt, het  mensenkind dat u naar hem omziet?

Afbeeldingsresultaat voor schepping

Als je moedeloos bent en het zwaar hebt, is het goed om de wandelschoenen aan te trekken en naar buiten te gaan (of om iemand te vragen jou te begeleiden als je niet meer lopen kunt). Regent het? Verwonder je over de druppels. Schijnt de zon? Verwonder je over de zonnestalen. Verwonder je over de schoonheid van de schepping – over de bloemen en het gras. Over de bomen, over de dieren. Zie je met hoeveel zorg de wereld tot stand is gekomen? En die God heeft jou al zijn liefde gegeven. Hij ziet om naar jou, en zijn hart gaat naar jou uit!

Vraag om vandaag mee te nemen: waar verwonder jij je over?

De zesde dag: je bent!

Bijbeltekst (bewerkt): Deut. 32, 10 -12  Hij vond je in een dorre woestijn, in een niemandsland vol van gevaar. Hij omringde je met zorg en met liefdekoesterde je als zijn oogappel. Zoals een arend over zijn jongen waakt en voortdurend erboven blijft zweven, zijn vleugels uitspreidt en zijn jongen daarop draagt, zo heeft de HEER jou geleid, hij alleen: geen andere god stond hem bij.

Afbeeldingsresultaat voor arend

Het is goed om steeds weer te bedenken dat God op de zesde dag de mens heeft geschapen. Eerste schiep Hij de aarde als een huis waar wij als mensen zouden mogen wonen. Hij heeft je met zoveel zorg en met zoveel liefde geschapen. Jouw leven is niet een gevolg van het lot of van toeval, maar jouw leven is bedoeld. Je bent geliefd, en God koestert jou. Jij bent!

Neem deze vraag vandaag met je mee: wat betekent het voor je dat God jou met liefde heeft geschapen en je kostbaar bent in zijn ogen?

De zevende dag: schep rust

Bijbeltekst: Prediker 3, 12 en 13  Ik heb vastgesteld dat voor de mens niets goeds is weggelegd, behalve vrolijk te zijn en van het leven te genieten. Want wanneer hij zich aan eten en drinken te goed doet en geniet van al het goede dat hij moeizaam heeft verworven, is dat een geschenk van God.

Afbeeldingsresultaat voor op het leven

De kroon op de schepping is niet de mens, maar de rustdag. De sabbat. Een dag om te genieten van Gods goede schepping, om tijd te hebben om de Schepper te eren. Misschien herken je wel dat je te druk bent. Juist op de momenten dat je tot rust zou moeten komen, denk je dat je nog weer van alles moet. Neem rust, zegt Prediker. Geniet. Vier het leven. Misschien helpt het om het duister te verdringen en het leven te omarmen. Geniet, je bent bent een geschenk van God.

Vraag om vandaag mee te nemen: waar kun je echt van genieten?