Archief | samenleving RSS feed for this section

Geef licht door!

25 dec

Eindejaarsbijdrage voor Sliedrecht24

Het afgelopen jaar was en is een vreemd, verwarrend en ingrijpend jaar geweest. Nog niet eerder is het voorgekomen dat de wereld letterlijk tot stilstand kwam. Van de ene op de andere dag in maart zaten ook wij in Nederland in een Lock down. Corona of COVID-19 was niet langer iets van ver weg, maar drong ons eigen dagelijkse leven binnen.

Ik vond het aangrijpend om de volle ziekenhuizen te zien en om de verhalen van de verpleegkundigen te horen. Het maakte me machteloos om te zien dat verpleegtehuizen en instellingen op slot gingen en bezoek niet meer mogelijk was. Wat een impact had dat op de bewoners. En wat een impact op partners, ouders, kinderen, familie en vrienden die niet meer op bezoek konden gaan.

De onzekerheid bij ondernemers en werkgevers die noodgedwongen hun zaken moesten sluiten was groot. Het was ook verdrietig voor kinderen en jongeren die vrolijke en samenbindende activiteiten zagen wegvallen: sport, clubkampen, afsluitende musicals, eindexamenfeestjes of ontmoetingen met leeftijdsgenoten. Opeens kon dat niet meer.

Maar wat mij het meeste aangreep, dat waren de verhalen over mensen die alleen stierven, omdat er geen familie bij aanwezig mocht zijn. Of van mensen die corona hadden gekregen en nu nog dagelijks de gevolgen van dit virus ondervinden.

Het was een heftige tijd, maar er gebeurden ook verrassende en mooie dingen. Het meeleven met elkaar, was in die eerste maanden ongekend. Al die kaartjes die werden verstuurd, de telefoontjes, app-groepen enz. We keken naar elkaar om!

Het was ook hartverwarmend om te zien dat vrijwel iedereen zich probeerde te houden aan de ingrijpende coronamaatregelen om zo de ouderen en mensen met een kwetsbare gezondheid te beschermen en het was, weliswaar op een vreemde manier ook een goede tijd, omdat er meer gelegenheid was om tijd door te brengen met het gezin. Wat viel er veel drukte en stress weg.

En wat ook opmerkelijk was: omdat het vliegverkeer sterk verminderde, er minder mensen op de weg waren en de industrie minder produceerde, ademde de aarde weer op. De luchtverontreiniging daalde sterk, zelfs het stikstofprobleem verminderde.

Voor onze geloofsgemeenschap was het ook een moeilijke tijd. We misten (en missen nog steeds) de ontmoeting, het samen zingen, het samen koffiedrinken na de kerkdienst. Wat we in die fase hoopten, was dat het tijdelijk zou zijn. Met een beetje pech misschien tot de zomer…. in september zouden we toch wel weer naar het ‘oude normaal’ terug kunnen, toch?

Het liep echter anders. Het virus is er en gaat niet meer weg. We kijken uit naar het moment dat we gevaccineerd kunnen worden, maar tot die tijd is afstand houden noodzakelijk – en daarna misschien ook nog wel. Opnieuw zitten we in een Lock down. Maar deze is echt anders dan in maart. Er is minder eensgezindheid. Het blijkt lastiger om zelfdiscipline op te brengen. Er is meer somberheid. En het einde is nog niet in zicht.

Wat kun je meegeven naar het nieuwe jaar? Misschien wel dat het voor ons meer dan ooit aankomt op volhouden en volharden. We zijn dit verplicht aan de mensen in de zorg, de mensen met een kwetsbare gezondheid, de ouderen, de ondernemers.

Misschien is het ook goed om op een nieuwe manier naar ons eigen leven te kijken: hoe kunnen we de rust en aandacht vasthouden? Hoe kunnen wij het milieu beschermen? Hoe kunnen we de economie anders inrichten: niet de economie van altijd maar meer, maar die van genoeg? Hoe kunnen we zorgen voor de meest kwetsbare medemensen op onze aarde?

Volhouden en volharden. Maar wel sámen. We staan er niet alleen voor. Kerst is het feest van het Licht. Met Kerst denken we eraan terug dat God zelf mens is geworden. Dat is het geheim van de geboorte van Jezus. Gods hart gaat uit naar onze kwetsbare en gebutste levensverhalen. Chaos, duisternis en zinloosheid hebben niet het laatste woord, maar Gods licht en liefde.

Daar waar wij liefde doorgeven, geven wij het licht door: in het omzien naar elkaar en de aandacht voor elkaar.

Graag wens ik een ieder dat geloof en die liefde, voor jezelf en voor de ander.

Wat is dat toch met die katten in Sliedrecht?

15 nov

Aan de overkant van de Merwede ligt een prachtig stukje natuur. Je kunt er alleen met de boot komen. Een smal pad door het hoge gras voert langs de oever van de Merwede en via een dijk naar de rand van de Biesbosch. Omdat er weinig verstoring is, is er van alles te zien. Een reebokje springt traag weg als we langs lopen. Watervogels verzamelen zich in grote getale op het natte grasland. Beversporen doorkruisen het pad. Als je niet beter wist, waande je je in het paradijs.

Inderdaad. Als je niet beter wist. Maar er zijn geruchten. Verhalen doen de ronde. Niet voor niets heette dit land ‘de stort van Troost’. Ooit – voordat het land aan de natuur was teruggegeven en de dijken waren doorgestoken – nam de toenmalige eigenaar het niet zo nauw met de regels. De polder lag beschut, dus wie wist wat er gebeurde?

Er zijn geruchten. Verhalen doen de ronde. Er zou nogal wat chemisch afval gestort zijn. Een lucratieve bezigheid. Maar alles heeft een prijs. De illegale stort werd ontdekt. Troost verdween. Maar de verhalen bleven. Wat deed die illegale stort met de natuur? Met de eenden en de bevers? Er gaan geruchten over vreemde mutaties … Met name als de maan hoog aan de hemel staat.

Deze verhalen komen bij mij boven na een aantal wonderlijke ervaringen in Sliedrecht zelf. Nou ja, ik zeg ‘wonderlijk’ maar bevreemdend en beangstigend omschrijft het misschien beter. En ik vraag me af: waarom hoor je niemand hierover? Toeval? Ik denk het niet.

Wat is er aan de hand? We wonen nu ruim twee jaar in Sliedrecht, maar er gebeuren vreemde dingen. Ik herinner me een avondwandeling, een jaar geleden. Ik liet onze honden, Charly en Flower uit. We liepen door de Middeldiepstraat. Een rustige, vriendelijke straat. Opeens schoot Charly, onze labrador onder een auto. Zijn haren recht overeind, diep grommend. Zijn uithaal was onverwachts, dus ik verloor bijna mijn evenwicht. Op dat moment zag ik hem zitten. Een kat. Hij week niet. Sterker nog, toen ik Charly meetrok (en Flower, maar die doet wat Charly doet) volgde die kat ons. We sloegen de hoek om richting de Merwede, maar de kat volgde ons. Hoge rug. Priemende ogen. Pas op de Singel raakten we hem kwijt. We schonken er verder geen aandacht aan. En de herinnering vervaagt.

Maar een paar maanden later gebeurde iets vergelijkbaars. Een kat – echt een ándere kat – zat op een muurtje waar we langs moesten. Charly sprong, maar de kat bleef zitten. Onverstoorbaar. Uitdagend. Waarom vlucht die kat niet? Vreemd, maar misschien was het toeval.

Niet lang daarna werden we opnieuw onaangenaam verrast. Ik stond op straat even te praten met iemand. Charly en Flower gedroegen zich voorbeeldig, ik kan niet anders zeggen. Ze zaten rustig naast me, terwijl ik de dingen van het leven besprak. Aan de overkant van de straat kwam een kat aanlopen. hij (of zij?) keek ons aan. Doordringend ongemakkelijk. De kat besloot de straat over te steken. Charly werd onrustig en begon te grommen. De kat liep nu recht op ons af en bleef op een hondenriemlengte afstand staan. Wat. Is. Hier. Aan. De. Hand?

En vorige week gebeurde het weer. Nu bij de Singel. Opnieuw een andere kat. Niet eens verscholen in het gras. Hij (of zij?) wachtte ons op. Niks wegrennen. Niks oei-ik-ben-een-kat-en-jij-een-hond. Gewoon blijven zitten – op die hondenriemlengte afstand!

Dit kan geen toeval zijn. Echt niet. Er is iets aan de hand met de katten van Sliedrecht. Heeft het te maken met alle lozingen van Chemours? Zijn dit de gevolgen van de stort van Troost?

Het uitlaten van de honden is nu een avontuur geworden in Sliedrecht. We laten ons niet uit het veld slaan – maar het puzzelt ons. Wat is er toch aan de hand met de katten van Sliedrecht?

Terug naar 30. Verdrietig, maar noodzakelijk

11 okt

Het was een bewogen en tumultueuze week in kerkelijk Nederland. Afgelopen maandag (5 oktober 2020) kwam het Ministerie van Justitie en Veiligheid (na overleg met de kerken) met het dringende advies om niet meer dan 30 kerkgangers per viering toe te laten.

Ik was van plan om een heel evenwichtige blog te schrijven over hoe we als kerken toch steeds geprobeerd hebben om zorgvuldig en gewetensvol om te gaan met de coronamaatregelen. En dat we ook iets kunnen leren van Staphorst, zoals Rosanne Hertzberger schrijft in haar column Staphorst is jaloersmakend. Maar ik ga het niet doen.

Het gaat in deze dagen niet over vrijheid van godsdienst. Het gaat vandaag niet over de vraag of we God meer gehoorzaam moeten zijn dan de overheid.

Vandaag gaat het over de vraag hoe ver we willen gaan om het aantal besmettingen terug te dringen. Onze regio, Zuid-Holland zuid, kleurt donkerrood. We zitten op het risiconiveau ‘ernstig’. Op dit moment zijn kerken (nog) geen clusters van uitbraken. Maar áls in een kerk een superspreader aanwezig is, gaat het gelijk serieus mis.

Het gaat niet om vrijheid van godsdienst, maar om de volksgezondheid. Hoe kunnen we samen bijdragen aan zorg voor wie leeft met een kwetsbare gezondheid? Als kerkgangers hebben we een verantwoordelijkheid naar elkaar en naar de samenleving. We leven niet in een bubbel, maar in gezinnen, families, buurten en werkkringen.

Op dit moment loopt het aantal besmettingen dramatisch op. De reguliere zorg loopt vast. De ziekenhuizen raken vol. We weten dat wie serieus COVID-19 krijgt (ook als je jong bent) er lang last van kan houden. We weten ook dat voor mensen met een kwetsbare gezondheid het zomaar het laatste zetje naar sterven kan zijn.

Ik kan niet voor anderen spreken en ik kan niet voor andere kerken (of theatermakers, feestjesplanners, etc.) spreken. Wel maak ik voor mijzelf de volgende afweging: in deze tijd van corona laat God zich misschien niet zozeer vinden in het massaal aangeheven loflied, maar juist in de breekbare solidariteit met die buurvrouw met een kwetsbare gezondheid.

Hoe we onze zondag ook besluiten in te vullen, laat het vol liefde zijn. Laten we God liefhebben en onze medemens – alsof het om onszelf ging.

Hoop in het nieuwe normaal

3 mei

De boodschap op de persconferentie van premier Rutte op 21 april was duidelijk. De maatregelen om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, zullen voorlopig in de meeste gevallen gehandhaafd blijven. Ik ben blij voor de kinderen (en voor de gezinnen) dat zij weer naar school mogen en dat samen sporten (binnen de afspraken) weer mogelijk is. Het is goed om weer schoolstructuur te hebben en vrienden en vriendinnen te kunnen zien. Het is belangrijk om weer samen met vrienden een balletje te kunnen trappen.

5 meter Archieven | Pagina 2 van 3 | United vandekamp BV

Hard gelag

Tegelijkertijd was de boodschap voor velen ook een hard gelag. Het bezoekverbod voor instellingen blijft van kracht – hoewel het er naar uitziet dat er versoepelingen mogelijk worden. Ik begrijp de achterliggende gedachte en de noodzaak van deze maatregel, maar het maakt me ook verdrietig. Voor ouders die hun kinderen niet kunnen bezoeken en even in de armen kunnen nemen. Voor partners die niet bij hun geliefde kunnen zijn. Voor kinderen die hun ouders niet kunnen opzoeken. Voor een ieder van wie een geliefde, vriend of familielid in een instelling verblijft en even langsgaan niet tot de mogelijkheden behoort. Het maakte me verdrietig voor de mensen die in de instellingen verblijven en soms zo uitkijken naar bezoek, naar het samenzijn met wie hen lief is. Het komt aan op volhouden. Elkaar bemoedigen: houd moed!

Ik ben dankbaar voor de inzet van verzorgenden en verpleegkundigen. Wat tonen zij een liefde voor hun bewoners, cliënten en patiënten en wat doen ze enorm hun best om het contact met het thuisfront van de bewoners te onderhouden. Dank daarvoor!

Ondernemers onder druk

De boodschap was ook een hard gelag voor zoveel ondernemers. Opnieuw: ik begrijp de noodzaak van de maatregelen, maar ik zie ook de pijn en de machteloosheid bij ondernemers die het werk van misschien wel jaren of de dromen voor de toekomst in rook zien opgaan. Ik zie de zware beslissingen waar werkgevers voor staan: kunnen we de mensen nog in dienst houden of moeten we werknemers ontslaan? Ik zie de zorg en onzekerheid van wie geen werk meer heeft. Meer dan ooit komt het aan op solidariteit, op onderling omzien, op bemoedigen: houd moed!

Onze samenleving staat onder druk, zeker nu de maatregelen langer duren. Het betekent dat de extreme omstandigheden het nieuwe normaal zijn. Dit is het. Voorlopig moeten we het hiermee doen. Maar we hoeven het niet alleen te doen.

 

Tekenen van hoop

Ik ben onder de indruk van alle tekenen van meeleven en van onderling omzien. Wat gebeurt er veel dat hoop geeft. Er zijn zoveel gebaren van liefde: een berenroute voor de kinderen. Een draaiorgel voor de verzorgingshuizen. Kinderen die stoepkrijten voor oma. Kaartjes: we denken aan je. Een bloemetje: weet dat je niet vergeten wordt.

Dit zijn tekenen van hoop die helpen om vol te houden. Laten we met hart en ziel lief hebben, zeker nu het voor sommigen zo zwaar is geworden. Houd moed en heb lief!

Stil verdriet in tijden van corona

19 mrt

De telefoon gaat. Een gemeentelid ligt in het ziekenhuis en is terminaal. Verschillende gedachten schieten door mijn hoofd. Zouden enkele weken geleden mijn gedachten alleen bij het gemeentelid en de familie zijn, nu is de eerste vraag: is het veilig?

Enkele dagen later zitten we (in zo klein mogelijke kring) om de tafel om de uitvaart voor te bereiden. We zijn verdrietig. Niet alleen om het verlies van een dierbare, maar ook om alle pijnlijke, maar noodzakelijke maatregelen om verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Er komt geen fysieke condoleance. Er is geen gelegenheid om na afloop even samen wat te drinken en/of te eten. Er mogen maximaal 30 mensen bij de afscheidsplechtigheid aanwezig zijn – hoe moet je kiezen? Verdrietig, maar noodzakelijk.

Stil verdriet.

Een berichtje via Whatsapp. Een oudere uit de gemeente is overstuur. De instellingen gaan op slot. Er mag niemand meer op bezoek gaan. Zijn vrouw zit op een verpleegafdeling. Hij woont nog in het appartement. Elke dag bezocht hij trouw zijn vrouw. Nu mag het niet meer.

Dementerenden, mensen met een niet aangeboren hersenafwijking, mensen met een verstandelijke beperking. Wat kijken ze uit naar bezoek. Ze begrijpen het niet – waarom komt er niemand? Noodzakelijke maatregelen, maar wat een impact.

Stil verdriet.

Ik hoor van (groot)ouders die hun (klein)kinderen niet kunnen ontvangen. De eenzaamheid die met de isolatie meekomt. Ik hoor van de zorgen van ouders om hun kinderen die werken op de IC of verpleegafdelingen.

Stil verdriet.

Ik hoor verhalen over de ingrijpende gevolgen van het coronavirus – we zijn het verplicht aan elkaar om alles in het werk te stellen om de verspreiding van het virus tegen te houden.

En toch – en toch hoor ik van een God die trouw is. Dat we een anker hebben als we heen en weer worden geslingerd op de golven. Dat we een God hebben die met ons mee optrekt op onze levensweg, zelfs al gaat onze weg door een dal van diepe duisternis – God is daar.

Het licht van Pasen valt op ons. Dat is onze zekerheid. Onze omstandigheden veranderen voorlopig misschien niet. Maar in hoe we ons verhouden met wat op ons toekomt, opent zich de ruimte van Gods ontferming, en ontvouwt zich de hoop.

Wat is er veel stil verdriet. In psalm 56 lezen we dat God ál onze tranen ziet en opvangt. Kostbaar in zijn ogen. We zijn niet alleen.

Stil verdriet, maar niet alleen.

Woorden doen er toe

21 feb

Terwijl ik bezig ben met wat voorbereidingen voor een gespreksgroep en voor zondag, hoor ik zachtjes op de achtergrond het nieuws. ‘Aanslag’ ‘Duitsland’, vang ik op. Gelijk spits ik mijn oren. Wat is er gebeurd? In de loop van de volgende dag wordt de verschrikkelijke impact duidelijk. Negen mensen werden gedood bij de aanslagen op twee shishabars. De dader had extreemrechtse motieven.

Afbeeldingsresultaat voor aanslag duitsland

De AfD distantieert zich van deze aanslag en benadrukt dat de dader gestoord was. Wat mij betreft is dit te eenvoudig. Geweld, misbruik en haat ontstaan niet in een vacuüm. De woorden die wij spreken, de manier waarop wij anderen bejegenen vormen de bedding van de gedachten en handelingen in de maatschappij. We zullen kritisch moeten kijken naar onze context en onze cultuur: in hoeverre maakt onze cultuur de weg vrij voor haat en geweld?

Het maakt uit hoe we spreken over vrouwen, over moslims, over statushouders, asielzoekers en migranten. Het maakt uit hoe wij spreken over elkaar. Het maakt uit hoe wij onze kinderen opvoeden en welke waarden wij hen meegeven. En het maakt uit welke politici wij onze stem geven.

Wij zijn het licht van de wereld en de smaakmakers van onze samenleving zegt Jezus. Getuigen onze handelingen van hoop en van liefde? Welke smaak vertegenwoordigen wij in de maatschappij? De bittere (na)smaak van onverschilligheid, wantrouwen en afkeer of de verrassende smaak van (kritische) liefde?

75 jaar geleden

29 jan

Ze kijkt me aan. De lijnen in haar gezicht vertellen van vreugde en verdriet. Ze is van nature monter, maar vanochtend laten haar ogen het verdriet zien dat al zo lang in haar binnenste huist. De ogen zijn rood van de emotie. Een traan rolt over haar wang. Het is het verhaal van haar buurmeisje. Meer tranen wellen op in haar ogen. Elke traan verbeeldt een ervaring uit de oorlog waar ze als kind zo onder geleden heeft.

Met een zakdoek veegt ze de tranen weg, duwt ze ze weer naar binnen zoals ze steeds geprobeerd heeft om die nare herinneringen weg te duwen en weg te stoppen. Nu dringen ze zich echter op. Onontkoombaar. Alle berichten over 75 jaar na de bevrijding roepen de verhalen in herinnering – brengen haar in de pijn, het verdriet en de machteloosheid van toen.

Afbeeldingsresultaat voor bombardement sliedrecht

Dat doet het oorlogstrauma.

Ze zag dingen die voor ieder mens te groot zijn, maar zeker voor kinderen. Een jonge man die weigerde om in dienst te gaan en door het hoofd werd geschoten. Schuilen in een kolenopslag, omdat vliegtuigen de trein beschoten. Over het vernietigde spoor lopen tussen de slachtoffers van een bombardement door. De aframmeling van de Binnenlandse Strijdkrachten na de bevrijding, omdat ze niet op de juiste manier reageerde bij een versperring.

De Joodse buurvrouw die terugkwam. De oorlog ging nooit meer uit haar lijf en hoofd. Het buurmeisje, enigst kind, dat voor haar moeder bleef zorgen. “Ja, Nederland is bevrijd. Maar wij leven elke dag in oorlogstijd”.

Als we al ergens voor willen strijden, laten we strijden tegen de polarisatie, tegen uitsluiting en voor de vrede. Wat is vrede kwetsbaar en kostbaar.

Het is 75 jaar geleden. Ze heeft 75 jaar geleden. Vaak in stilte.

Secret Santa in Sliedrecht

19 dec

In een van de lokalen van de oude Groen van Prinstererschool stapelen de kerstpakketten zich op. De hele middag komen mensen langs om één of meerdere pakketten af te geven. Vrijwilligers van Secret Santa nemen de dozen in ontvangst. Straks zullen zij zorgen voor de verspreiding van de kerstpakketten. Aan het einde van de dag staan er ongeveer 160 dozen.

Afbeelding kan het volgende bevatten: tafel en binnen

Het concept is even eenvoudig als krachtig. En de impact van deze secret santa’s is van onschatbare waarde.

De organisatie vraagt enkele weken voor kerst of mensen inwoners van Sliedrecht kennen die wel een extraatje kunnen gebruiken. Zo worden de adressen verzameld. Het mooie van deze manier van werven is, dat er geen (protocollaire) voorwaarden zijn waar de adressen aan zouden moeten voldoen.

Vervolgens worden er secret santa’s geworven. Een secret santa maakt een kerstpakket voor een bepaald adres. Het adres is geanonimiseerd doorgegeven met een korte toelichting. Vermeld wordt of het gaat om een gezin of een alleengaande, of en hoe oud de kinderen zijn, of er huisdieren zijn en of er speciale wensen zijn. En vervolgens gaan de secret santa’s erop uit om inkopen te doen. Er is ruimte voor creativiteit en de santa’s maken een eigen en op het geanonimiseerde adres afgestemd kerstpakket.

De volgende stap is dat de mooi versierde pakketten worden ingeleverd bij de organisatie.

Tot slot is daar het prachtige moment dat de vrijwilligers van de organisatie de kerstpakketten die met zoveel liefde zijn samengesteld door dorpsgenoten, op de adressen gaan bezorgen. De aandacht, het gezien worden, dat extraatje – wat doet het de mensen goed die een pakket mogen ontvangen.

Organisatie hartelijk dank!

Waar een dorp groots in kan zijn – #mooisliedrecht

 

Onze eigen Don Quichot

19 aug

Wat zou er in zijn kop omgaan? Wat gebéúrt er?

Het is zo’n rustige dag. Het kan een zaterdag zijn. Een vrije dag. Vakantie. Geen gekkigheid. De honden mooi op tijd uitgelaten, lekker stukje gelopen. Kopje koffie. Nog even wat lezen. De honden zijn rustig en liggen in hun manden.

Een vredige sfeer.  Tot dat ene moment.

Tot dat moment dat ik opsta en de stofzuiger pak. Of de bezem. Of de dweil. Of de stoffer en blik. Het maakt niet zoveel uit waar ik me op dat ene moment in huis bevind. Het kan boven zijn. In de keuken. De gang. De woonkamer. Ik kan vlakbij Charly beginnen of aan de andere kant van het huis.

Maakt niet uit.

Met dat ik de stofzuiger aanzet, wordt Charly wakker. Of nee, er ontwaakt iets in Charly. Zo snel als zijn poten hem kunnen dragen, komt hij al slippend, grauwend en blaffend aangerend. ‘Doe die stofzuiger uit!’ ‘Stop met vegen. Nu.’ ‘Hou op met dweilen, mafklapper.’

Natuurlijk hebben we al onze hondenopvoedtalenten ingezet om dit best wel onwenselijk gedrag af te leren. Nu ben ik niet direct de grootste fan van schoonmaken, maar van tijd tot tijd stofzuigen zou toch moeten mogen.

Na enkele maanden geduldig oefenen, is er wel het een en ander bereikt. Charly is gestopt met blaffen. Zijn obsessie is gebleven, alleen zijn tactiek is veranderd.

Charly ligt te slapen.

De stofzuiger gaat aan.

Charly springt op en begint als een razende te zoeken naar een speeltje. Wat dan ook maar. Gewoon. Om in te bijten.

Met in zijn bek één, twee of meer speeltjes rent hij naar de stofzuiger.

Zwijgend, maar met een gedreven doelmatigheid, loopt hij in de stofzuigerslang. Fanatiek kauwt hij op zijn speeltje, draait vast in de slang en het snoer en terloops komt zijn bek tegen de slang. Geheel per ongeluk en nauwelijks zichtbaar, valt het speeltje uit zijn bek, maar gaat het ritmisch kauwen verder. Op de stofzuigerslang.

Het is een gevecht dat hij uiteindelijk niet kan winnen. De vloer wordt gezogen. Steeds opnieuw. Of geveegd. Of gedweild. Maar of hij zich er ooit echt bij neerlegt?

 

 

 

Over een nieuw begin, vergeving en de stort van Dordt

16 mrt

We wonen in een van de mooiste straten van Sliedrecht. De Merwestraat komt uit bij de Merwede. Een prachtige rivier die door een schitterende omgeving kronkelt. Aan de overkant zie je de Biesbosch. De gele rietzomen. De knotwilgen. De lichten van Helsluis. Je ziet de aalscholvers vissen in de rivier. Groepen ganzen vliegen over. De ooievaars kwetteren in de hogere bomen.

Als je naar rechts kijkt, richting Dordrecht, zie je ineens een onnatuurlijke heuvel aan de oever aan de overkant.

“Wat is die heuvel”,  vroeg ik, toen we hier kwamen wonen. “O, dat is de stort van Dordt”, zie de een. “Daar ligt onze troep”, zei een ander. En weer een ander vertelde: “Ze maken er een natuurterrein. De stort wordt niet meer gebruikt. Soms zie je ’s avonds de reeën gewoon lopen”.

Iedere keer als ik de honden uitlaat langs de Singel, zie ik de heuvel. Je kunt het niet niet zien. De heuvel is er. Altijd.

De heuvel doet me denken aan hoe het leven kan zijn. We maken van alles mee. Mooie dingen die een plaats krijgen in onze geschiedenis. Die stallen we uit, durven we te laten zien en daar vertellen we graag over.

Maar we bezeren ons ook. We lopen pijn op. We leven met butsen en beurse plekken. Het zijn episoden uit ons levensverhaal die we minder makkelijk laten zien. Soms doen we verkeerde dingen. Expres of per ongeluk. Het brengt schuld mee. Hoe kun je daarmee omgaan?

Zo leven we met een buitenkant die er vaak toonbaar uitziet en met een binnenkant die chaotisch en besmeurd kan zijn. Schuld. Pijn. Schaamte. Wat kunnen we in stilte worstelen.

Zand erover?

Zo doen we het vaak. Hopelijk kijkt niemand meer en kun je het vergeten. Soms werkt het. Meestal niet.

Terug naar de Stort van Dordt. Tijden lang is er troep gestort. Nu de stort gesloten is, is de omgeving gesaneerd. Er wordt nieuw zand opgebracht en de stort verandert langzaam maar zeker in een natuurgebied waar je kunt wandelen. Een hoopvol beeld.  Maar het blijft zichtbaar – en dat is goed.

In de Bijbel lezen we over opnieuw beginnen door vergeving. Vergeving die je geschonken wordt en die je aanspoort anderen te leren vergeven en jezelf te vergeven. Vergeven is echter een proces. Er moet recht gedaan worden. Er moet ruimte komen voor de pijn en de schade. Vergeving vraagt om erkenning – dan komt de mogelijkheid om los te laten.

Zo is het met het leven. Als we die moeilijke episoden onder ogen durven zien, als we tot erkenning komen, raken we het venijn van die verhalen kwijt. Het blijft zichtbaar, maar niet langer als een vuilnishoop, maar als een nieuw begin.

Zand erover. Maar nooit zomaar. Eerst moet het gif eruit.