Tag Archives: cultuur

NEE! HET. IS. NIET. GOED!

16 feb

“Kerkelijke muziek staat vaak niet genoeg stil bij de schreeuw. Dat is een van de dingen die jongeren in popmuziek vinden. De rauwheid van het leven. De druk van de samenleving waar je als jongere aan ten onder kunt gaan.” Aan het woord is Arend Dijkstra, deskundige op het gebied van popmuziek en leadzanger en gitarist van The Great Communicators.  Hij spreekt voor een groep predikanten die de cursus Missionaire Specialisatie volgen.

 

Brug tussen leefwerelden

Arend Dijkstra laat ons verschillende popnummers horen. Popmuziek toont iets van de onderstroom in onze cultuur. Het vertelt welke thema’s er spelen, welke vragen aan de orde zijn. Popmuziek heeft ook een verbindende kracht, zoals de Top2000-diensten laten zien. De popnummers haken aan een collectief geheugen.

Het belang en de waarde van popmuziek is dat het vaak gaat over grote menselijke thema’s. Het verlangen naar iemand die je echt kent, naar liefde. De angst voor leegte. Het onvermijdelijke en onherroepelijke van de dood. Schuld. De druk van de samenleving. De schoonheid van onze wereld. Plezier. Geluk. Het zijn thema’s waar in de kerk ook over gesproken en gezongen wordt. Opmerkelijk is dat het kerkelijk leven voor velen één van de leefwerelden is (naast de leefwerelden van vrienden, collega’s, school of werk), maar dat de échte levensvragen gemakkelijker herkend worden in popnummers dan in kerkelijke liederen. Daarnaast is de kerk voor velen überhaupt geen gesprekspartner meer, vanwege de taal, de muziek, beschadigende ervaringen of het morele oordeel die aan de kerk wordt toegeschreven.

Popmuziek kan de brug vormen tussen de verschillende leefwerelden. Soms door de aanklacht of het contrast, soms omdat de vragen van de nummers precies dezelfde vragen zijn als die in de kerk worden gesteld. Muziek verwoordt de diepste emoties, de diepste grond van je bestaan. Wanneer de kerk geïnteresseerd raakt en gebruik kan maken van nummers die in het dagelijks leven een belangrijke rol spelen, kan de popmuziek verbindend en verdiepend werken.

De schreeuw

Een belangwekkende constatering van Arend Dijkstra is dat veel kerkelijke muziek te weinig de zwaarte, diepte en rauwheid van het leven verkent en onderkent. Veel jongeren luisteren naar hard rock, metal, of rap. Het is bijzonder boeiend om met jongeren in gesprek te gaan over de nummers die ze luisteren. In deze muziek vinden ze herkenning. Als het al gaat over de rafels van het bestaan en over de duisternis die bezit van je kan nemen, heeft christelijke muziek al snel de neiging om naar een oplossing toe te zingen. Soms is het nodig dat de muziek het uithoudt in de schreeuw. In de schreeuw komt de wanhoop en beklemming naar buiten. Het verzet en het verlangen. Een nummer waar die schreeuw in doorklinkt is Given up van Linkin Park

De tekst gaat als volgt:

Wake in a sweat again
Another day’s been laid to waste
In my disgrace

Stuck in my head again
Feels like I’ll never leave this place
There’s no escape

I’m my own worst enemy

[chorus]
I’ve given up
I’m sick of feeling
Is there nothing you can say

Take this all away
I’m suffocating
Tell me what the fuck is wrong
With me
[end chorus]

I don’t know what to take
Thought I was focused but I’m scared
I’m not prepared

I hyperventilate
Looking for help somehow somewhere
And no one cares

I’m my own worst enemy

[chorus]
I’ve given up
I’m sick of feeling
Is there nothing you can say

Take this all away
I’m suffocating
Tell me what the fuck is wrong
With me
[end chorus]

[bridge]
Goddddddd!!!!

Put me out of my misery
Put me out of my misery
Put me out of my
Put me out of my fucking misery
[end bridge]

[chorus]
I’ve given up
I’m sick of feeling
Is there nothing you can say

Take this all away
I’m suffocating
Tell me what the fuck is wrong
With me
[end chorus]

Schuld 

Een van de nummers die Arend Dijkstra ons liet horen was I made a mistake van Blood Red Shoes. Het is een nummer die gaat over falen. Over het moeten leren leven met fouten die niet meer ongedaan gemaakt kunnen worden. Hoe kun je jezelf vergeven en weer met jezelf leren leven? Een nummer met zoveel handvatten voor een goed gesprek.

Stilstaan bij de rafels

Luisteren naar popmuziek leert me om meer stil te staan bij de schaduwkanten van het leven. Popmuziek kan de kerk ook een spiegel voorhouden, omdat we soms al antwoorden geven voordat we de pijn en wanhoop van de vraag doorleefd hebben. Kunnen we het uithouden in de schreeuw?

Een cultuur van misbruik

21 jan

Er is veel gezegd en geschreven over de wantoestanden in Keulen in de nieuwjaarsnacht. Een van de scherpste en belangrijkste vragen is of dit seksueel misbruik samenhangt met de culturele achtergronden van de (vermoedelijke) daders. Het is om tenminste twee redenen noodzakelijk om hier goed naar te kijken. Allereerst zijn er opvallend veel meldingen van vergelijkbare seksuele intimidatie door groepen mannen die vrouwen in de menigte isoleren en belagen. Er kwamen meldingen uit andere steden in Duitsland, maar ook uit Finland, Zweden, Zwitserland en Oostenrijk. Steeds lijkt het te gaan om (voormalige) asielzoekers uit Marokko, Algerije, Syrië en Afghanistan.

De tweede reden om goed te kijken naar de culturele achtergronden is dat de seksuele grensoverschrijdingen in een aantal bijdragen worden toegeschreven aan alle (mannelijke) vluchtelingen. Vluchtelingen worden weggezet als een groep potentiële verkrachters. Ook wordt soms gewezen op de islamitische achtergrond van de verdachten. De vraag dringt zich op of de Islam seksueel wangedrag faciliteert. Door het seksueel geweld zo direct te koppelen aan een hele groep of aan een hele religie worden verschillende thema’s met elkaar verward en wordt aan de verschillende thema’s zelf geen recht gedaan. ‘Keulen’ gaat niet meer alleen over seksueel geweld, maar ook over de vluchtelingenproblematiek, de vraag naar de plek van de Islam in de Westerse samenleving en over de Nederlandse identiteit.

Simplistische retoriek over het opsluiten van mannelijke asielzoekers, pepperspray voor vrouwen tegen vluchtelingen, en het spreken over testosteronbommen, is in geen enkel opzicht behulpzaam. Het helpt het vluchtelingendebat niet verder, het vergroot de kloof in de samenleving en het draagt niet bij aan de strijd tegen seksueel geweld.

Seksueel misbruik is een maatschappelijk probleem

Seksuele intimidatie of seksueel misbruik is zelden een geïsoleerd probleem. Het gedijt in een cultuur van wegkijken, bagatelliseren en ontkennen. Vaak praten daders hun daden goed. Ze gebruiken redenaties die gelden in hun gezin of familie, die klinken in de bredere (geloofs)gemeenschap of in de culturele opvattingen van de samenleving. Bill Cosby kon jarenlang ongestoord zijn gang gaan, omdat de vrouwen die hij misbruikte niet met hun verhaal naar buiten durfden komen. In de samenleving heerst immers de opvatting dat ‘die vrouwen het wel uitgelokt zouden hebben’.  In geloofsgemeenschappen kunnen daders zich bedienen van geloofstaal: ‘eer je vader en je moeder’.  ‘Vrouwen zijn ondergeschikt aan de man’.  In gezinnen kunnen misbruikbevorderende opvattingen voorkomen, zoals een slachtoffer van incest mij eens vertelde: ‘dochters leren van hun vader vrijen. Zo heb ik het ook geleerd – zijn mijn moeder tegen mij’.

Pas wanneer er een taal wordt aangereikt, is het voor slachtoffers mogelijk om woorden te vinden voor hun ervaringen van misbruik. Dit is bijvoorbeeld zichtbaar bij mannen die slachtoffer zijn geworden van misbruik. Toen er ruimte kwam voor misbruikverhalen door de strijd van feministen, werden mannen voornamelijk gezien als daders. Hierdoor was er nauwelijks ruimte voor mannelijke slachtoffers om met hun verhaal naar buiten te komen. Daarnaast hadden ze te maken met de opvattingen in de samenleving dat mannen ‘stoer’ horen te zijn en dat je ‘geluk’ hebt als je al vroeg ‘seksuele ervaringen’ hebt opgedaan. Hoe kun je dan nog je verhaal vertellen als je als puber door een leerkracht m/v bent misbruikt? Toen er ruimte kwam voor mannen om hun ervaringen te delen, kwam er een taal waarin de ervaringen gehoord konden worden. Ook de reactie van de samenleving bepaalt of misbruik in stand wordt gehouden of wordt aangekaart.

In de context van het misbruik speelt dus altijd het klimaat van de bredere gemeenschap en de cultuur van de samenleving een rol. Enerzijds in rationalisaties die de dader bezigt, anderzijds in de reactie van de samenleving.

Mannen onder elkaar

Het eerste dat opvalt in het seksueel misbruik in ‘Keulen’, dat de mannen in groepsverband optraden. De politie in Keulen gaat ervan uit dat het een vooropgezet plan was. Deze mannen hebben dus met elkaar zitten nadenken hoe en wanneer ze vrouwen zouden lastig vallen. De persoonlijke ethiek was niet aanwezig of ondergeschikt gemaakt aan de druk van de groep. Dit verontrustend mechanisme is ook terug te zien in de film ‘The Accused’ (1988) met Jodie Foster. Blijkbaar is het niet gemakkelijk om aan groepsdruk te ontkomen en onrecht te doorbreken.

Gender

Het tweede dat opvalt in ‘Keulen’is dat de vermeende daders uit islamitische landen komen. In diverse bijdragen wijzen schrijvers op het vele seksueel geweld in islamitische landen, met name tegen vrouwen die lichaamsdelen niet bedekt hebben. In bepaalde wijken in grote steden in Europa worden vrouwen uitgescholden en seksueel geïntimideerd door bewoners van buitenlandse komaf. Tegelijkertijd maken andere (vrouwelijke) auteurs ons erop attent dat zij zich juist in islamitische landen erg veilig hebben gevoeld en zich niet als lustobject ervaren hebben. De reacties geven dus een genuanceerd beeld.

Wat in mijn beleving echter van het grootste belang is, is hoe er gesproken wordt over vrouwen en over kwetsbare medemensen. Het vrouwbeeld dat naar voren komt in de verplichting om lichaamsdelen te bedekken, is kwetsbaar voor misbruik. De vrouw wordt immers verantwoordelijk gehouden voor ‘kuisheid’. Niet de man wordt aangesproken op zijn ongepaste verlangen en lust, maar de vrouw – alsof zij het misbruik zou uitlokken door blote enkels of schouders.

Wanneer mensen uit een cultuur komen met een andere visie op mannelijkheid en vrouwelijkheid, vraagt dat om een heldere reactie van de ontvangende samenleving. Enerzijds zal elke grensoverschrijding aangepakt moeten worden en niet verdoezelt. Anderzijds zullen asielzoekers die binnenkomen ook les moeten krijgen in de opvattingen rond gender in onze samenleving.

Een cultuur van misbruik

Seksueel misbruik is geen buitenlands probleem dat nu wordt geïmporteerd. In alle culturen en in alle lagen van de bevolking komt seksueel geweld voor. Het heeft te maken met macht, met het willen  bezitten van de ander. Het heeft te maken met het botvieren van eigen verlangens en lust ten koste van de ander. In ons land is een op de drie vrouwen en een op de tien mannen slachtoffer van seksueel misbruik. Het is niet een probleem van individuen, maar een probleem van de samenleving. Om seksueel geweld te bestrijden is het belangrijk om de onderliggende patronen en mechanismen te ontrafelen. Waardoor kan het misbruik plaats vinden? Wat maakt dat het kan blijven doorgaan? Hoe reageert de samenleving op verhalen van misbruik? Wat of wie houdt het zwijgen in stand? Wie mag spreken?

Door de vluchtelingen als potentieel gevaar te bestempelen, wordt er in de eerste plaats een schijnveiligheid gecreëerd. In Nederland worden nog steeds elke dag kinderen, jongeren, vrouwen en mannen slachtoffer van huiselijk en seksueel geweld. Dit misbruik wordt niet gestopt door een zondebok van buiten aan te wijzen. Sterker nog, het werkt een goede bestrijding van seksueel geweld juist tegen.

In de tweede plaats wordt een grote groep onrecht aangedaan. Net zomin als alle dominees en priesters zedendelinquenten zijn, zijn alle mannelijke vluchtelingen verkrachters. Net zomin als alle mannen erop uit zijn om vrouwen te onderdrukken, zijn alle islamitische medemensen vrouwenhaters.

Stigmatiseren werkt averechts

Wanneer op een ongenuanceerde en aanvallende manier over een bevolkingsgroep wordt gesproken, zal die groep sneller geneigd zijn om zich te verdedigen of om de gelederen te sluiten. Het biedt niet de ruimte om het misbruik onder woorden te brengen, om te zoeken naar schadelijke culturele of religieuze veronderstellingen of om als slachtoffers naar buiten te treden. Stigmatiseren van een bevolkingsgroep, religie of cultuur ontneemt juist het broodnodige taalveld om misbruik ter sprake te brengen.

Wat nodig is, is het gesprek over de waarden van onze samenleving. Waar behoefte aan is, is onderzoek dat de risico’s van culturele opvattingen scherp en genuanceerd aan het licht brengt. Slachtoffers van seksueel misbruik willen geen speelbal worden van de discussie over vluchtelingen, maar zoeken naar erkenning en naar recht.

 

Als de toverhazelaar bloeit

10 apr

Toen we afscheid namen van de Protestantse Gemeente ’t Harde, kregen we onder andere als afscheidscadeau een bloeiende toverhazelaar. Het is een prachtige struik die in de winter bloeit en midden in de kou en dorheid al vooruit wijst naar de lente. Afgelopen februari liep de struik opnieuw uit en bloeide uitbundig. Als de hazelaar bloeit, is er dus een jaar voorbij – ons eerste jaar in Vriezenveen.

toverhazelaar

 

Hartelijke ontvangst

Terugkijkend kunnen we niet anders zeggen dan dat het een mooi en inspirerend jaar is geweest. Toen we hier kwamen wonen, zijn we hartelijk ontvangen. Een hartelijkheid die het hele jaar met ons mee is gegaan. Het heeft ons alle drie geholpen om ons snel vertrouwd en thuis te voelen in onze nieuwe woonplaats en onze nieuwe geloofsgemeenschap.

Spannende uitdagingen voor een energieke gemeente

Ik heb de Ontmoetingskerk leren kennen als een betrokken gemeenschap met een zeer actieve kern. Het omzien neemt een grote plaats in en er zijn dan ook vele vrijwilligers actief in het bezoekwerk. Het is een gemeente met ruimte, een gemeente die open staat voor nieuwe initiatieven en nieuwe inzichten. Tegelijkertijd is onze gemeente vertrouwd met de rijkdom uit de (liturgische) traditie en wil deze rijkdom ook graag doorgeven aan de komende generaties. Het is een uitstekend fundament om de ontwikkelingen en uitdagingen waar onze gemeente voor staat tegemoet te treden: enerzijds hernieuwd wortelen in de traditie, anderzijds zoeken naar mogelijkheden om aan te kunnen sluiten bij de huidige cultuur. Ik ben enthousiast over de energie in onze gemeente, het meedenken en meedoen van talloze vrijwilligers en de evenwichtige beleidsmatige kaders van de kerkenraad. Spannende ontwikkelingen waar we ons in de komende jaren mee moeten verhouden, is een veranderende betrokkenheid van de nieuwe generaties op geloof en kerk. Het aantal betrokken kerkleden en het aantal vrijwilligers zal minder worden. Tegelijkertijd is er in de samenleving een groeiende behoefte aan zingeving, aan verbondenheid en aan aandacht aan kwetsbare burgers. Veel zaken die nu vertrouwd zijn in de Ontmoetingskerk, zullen heroverwogen moeten worden.

Kerk als gesprekspartner bij levensvragen?

In het afgelopen jaar heb ik veel mensen bezocht. Ik heb geprobeerd om eerst die mensen een bezoek te brengen die door het bezoekteam zijn aangedragen. Mocht u graag met mij een kennismakingsgesprek willen of een gesprek over bepaalde vragen of moeiten, laat het me even weten via ouderling of contactpersoon, of via telefoon of mail. Wat opvalt in de pastorale contacten, is dat de kerk voor de jongere generaties niet meer een vanzelfsprekende gesprekspartner is. Vragen rond gezondheid, levensovertuiging, (ethische) keuzes, zingeving en geloof worden in andere verbanden besproken. Het roept bij mij de vraag op hoe we als kerk weer van betekenis kunnen worden voor een groeiende groep binnen en buiten de kerk.

Haast

Het is een jaar geweest van verkennen, maar ook van haast. Ik heb de indruk dat sommige ontwikkelingen in de cultuur vragen om een snelle reactie. Het is goed dat ik in de gemeente meerdere gesprekspartners heb om mee af te stemmen: wat is wijs, wat is goed, wat is nodig?

Er is zoveel te vertellen over het eerste jaar, maar laat ik hiermee afsluiten: we voelen ons op onze plek, we zijn opnieuw thuis gekomen. Ik kijk met vertrouwen en enthousiasme uit naar het tweede jaar om met de Ontmoetingskerk mee te mogen bouwen aan Gods Koninkrijk.

 

Troost – eucharistie in Londen

22 dec

Van vrijdag 12 tot en maandag 14 december vond de studiereis naar Londen plaats, een reis in het kader van de Missionaire Specialisatie. We bezochten in Londen verschillende kerken en spraken met verschillende voorgangers. Waarom Londen? Het is de bakermat van de ‘fresh expressions of church’: nieuwe en vrije vormen van kerk voor een veranderende cultuur om mensen aan te spreken die niet of nauwelijks bereikt worden door de huidige vormen van kerk. Welke vormen kunnen bijdragen om de kloof tussen het goede nieuws van Jezus Christus en de culturele context te slechten? Zijn er mogelijkheden om nieuwe geloofsgemeenschappen te stichten rond het evangelie? Het leverde vele gedachten, vragen en ideeën op – een blog hierover volgt binnenkort.

st james s piccadilly

Geraakt in St. James’s Church Piccadilly 

Het was een intensief en indrukwekkend weekend door alle ervaringen en gesprekken. Een ervaring raakte mij zo diep, dat ik tijdens die samenkomst emotioneel werd. Een ervaring die ik koester, en die mij puzzelt. Wat gebeurde er precies? Had het met mijn eigen verhaal te maken of gebeurde er meer? Opvallend was dat meerdere collegae achteraf vertelden dat ook zij door de samenkomst geraakt waren.

Wat gebeurde er? Op zondagmorgen bezochten we de St. James’s Church Piccadilly (Church of England) voor een eucharistieviering met ds. Lucy Winkett.  De viering begon om 11.00 uur – een redelijke tijd voor de zondagochtend. Er was ruimte voor voorzichtig uitslapen en een uitgebreid ontbijt. We namen de traditionele rode dubbeldekker bus naar het centrum, maar al snel raakten we verstrikt in het vroege kerstwinkelverkeer.

Dak- en thuislozen

Iets te laat en met enige haast staken we het kerkplein over om de kerk binnen te gaan. Op het kerkplein zaten en liepen verschillende dak- en thuislozen. Een bord kondigde een special kerstdienst aan voor mensen die moeite hebben met kerst: ‘Blue Christmas’. Aandacht voor mensen met hun eigen levensverhalen en beleving. Mooi.

Rechts op het plein stond een caravan (zo’n keet van gemeentewerken) voor pastorale gesprekken voor dak- en thuislozen. In het nagesprek met Lucy Winkett bleek dat de daklozen in de kerk mochten blijven slapen. Niet in de zalen en bijgebouwen, maar in de kerkzaal. In het heilige. Dicht bij God.

Welkom in Gods Rijk

We schoven aan in de banken van de St. James’s Church. De kerk rook sterk naar wierook. De geluiden van de stad drongen gedempt de ruimte binnen. Het was vol. Ik kwam naast een dakloze jongeman te zitten. De mensen om mij heen knikten vriendelijk naar me. In de bank lagen geen liedboeken of liturgieën, maar een vrouw liep de kerkzaal door en deelde liturgieën uit – en bleef dit doen gedurende het eerste deel van de viering. Mensen bleven binnendruppelen en aanschuiven. Het maakte dat ik me welkom voelde, uitgenodigd. Voor in de kerk zat een travestiet. Verspreid in de kerkzaal zaten meerdere daklozen. Schuin voor mij zat een man met zijn hondje, dat de hele dienst stil was, maar de zegen met geblaf beantwoordde.  Achter mij zaten mensen uit Schotland, daarnaast een vrouw die op de racefiets was gekomen. De helm nog op. Tussen deze mensen, geaccepteerd in hun manier van aanwezig zijn, voelde ik mij ook thuis komen. Op verzoek van de voorganger gaven we elkaar een hand en maakten even kennis met elkaar.

Misschien klinkt het enigszins chaotisch wanneer ik zo de context van de viering beschrijf, maar zo voelde het niet, en zo wás het ook niet. Het bracht juist ruimte waarbinnen we een geloofsgemeenschap werden. Paulus schrijft dat we geen vreemdelingen en bijwoners meer zijn, maar burgers van Gods Koninkrijk. Misschien was dat wel het eerste dat er gebeurde: we werden deel van het lichaam van Christus. In die ruimte klonk een uiterst zorgvuldig samengestelde liturgie die zich met zorg en goed voorbereid aan ons voltrok. Ruimte voor heiligheid. Ook de teksten van de gebeden, liederen, overdenking en eucharistie waren uitnodigend en inclusief. In de woordkeuze werd niemand buitengesloten: vrouwen en mannen, ouderen en jongeren, hetero’s en homo’s, de verschillende culturen – samen verbonden door Christus.

Genade ontvangen in de eucharistie

In de verkondiging benadrukte ds. Lucy Winkett de levensveranderende kracht van Gods genade. Drie zaken kunnen we niet veranderen: ons verleden, de waarheid en de ander. Het verleden heeft me gevormd en gaat met me mee. Soms bepaalt het verleden mijn toekomstbeleving en mijn keuzes in het hier en nu – lang niet altijd bewust. Gods genade nodigt uit om vrede te sluiten met mijn verleden, vergeving te vinden en los te kunnen laten.

Vanuit deze context (ervaring van geloofsgemeenschap en het horen over de kracht van Gods genade) klonken vervolgens het tafelgebed en de nodiging tot de eucharistie. Bij het breken van het brood sprak de voorganger verschillende woorden, onder andere: het lichaam van Christus, gebroken voor de gebrokenen. Op dat moment werd ik mij bewust van een krachtig verlangen om deel uit te maken van Christus’ lichaam – van Christus zelf. In de kring werd brood en wijn gedeeld en werd mijn ziel gevoed.

Het was voor mij groots en bijzonder om mijn verlangen te ervaren en toe te staan. Dat was genezend. Troost in Londen.