Tag Archives: huiselijk geweld

De VOG kán de kerk veiliger maken

6 feb

Afgelopen november (2019) sprak de generale synode van de protestantse kerk over haar kerkelijk beleid rond seksueel misbruik. Het beleid van de afgelopen 20 jaar werd geëvalueerd en inzichten die in de afgelopen jaren zijn opgedaan, werden gepresenteerd.

Aandacht met name voor misbruik in pastorale relaties

De belangrijkste bevindingen zijn dat met name het beleid rond seksueel misbruik in pastorale relaties in de afgelopen jaren aandacht heeft gekregen. Het meldpunt (SMPR), het protocol, en het beleid voor kerkelijke gemeenten, slachtoffers en daders van seksueel misbruik in pastorale relaties, zijn goed doordacht en functioneren redelijk.

Alle andere vormen van misbruik vielen echter buiten de beleidsmatige aandacht van de kerk. Er blijkt een grote handelingsverlegenheid te zijn bij kerkenraden en voorgangers als zij in de gemeente worden geconfronteerd met situaties van seksueel misbruik of huiselijk geweld. Slachtoffers geven aan binnen hun kerkelijke gemeente zich eenzaam te voelen en voelen zich vaak genoodzaakt om de gemeente te verlaten.

Afbeeldingsresultaat voor vog

Veilige kerk

Het is van grote waarde dat de synode zich over dit thema heeft gebogen en het rapport van de commissie heeft omarmd. De bestaande meldpunten hebben hun kennis gedeeld en een gemeenschappelijke website gemaakt: https://www.eenveiligekerk.nl/.

Op deze website staat een stappenplan hoe een geloofsgemeenschap aan de slag kan om de kerk veiliger te maken. Het stappenplan helpt om ongewenste grenzen en veiligheid blijvende aandacht te geven. Belangrijk in het stappenplan zijn de protocollen en de vertrouwenspersonen.

Het spannende is dat het maken en uitvoeren van beleid uiteindelijk op basis van vrijwilligheid gebeurt. In zekere zin zou je kunnen stellen dat het werken aan een veilige gemeente teveel afhangt van de welwillendheid van een predikant of kerkenraad.

De kracht van de VOG

Het goede nieuws is dat de synode akkoord is gegaan met het verplicht stellen van een VOG (verklaring omtrent gedrag) voor professionals en vrijwilligers die werken met kinderen, jongeren en kwetsbare mensen. De VOG is een verklaring waaruit blijkt dat gedrag in het verleden geen bezwaar vormt voor het vervullen van een specifieke taak of functie in de kerk. Met deze stap sluit de kerk aan bij de ontwikkelingen in de samenleving waar de VOG al lange tijd deel uitmaakt van de screening van werknemers en vrijwilligers.

Nu heeft de VOG alleen zin als dit onderdeel zal uitmaken van een breder beleid. Alleen mogelijke daders die al bij justitie bekend zijn, kunnen op deze wijze eruit gefilterd worden. Zonder aanvullende maatregelen zal de VOG leiden tot een schijnveiligheid.

Gratis te verkrijgen

De VOG is echter onder voorwaarden gratis te verkrijgen. En juist dat maakt de VOG bijzonder interessant als een instrument om gemeenten tot verandering aan te zetten. De VOG kan wordt immers verplicht gesteld. Door deze gratis te verstrekken als de stappen uit het stappenplan zijn doorlopen, kan er echt werk gemaakt worden van de strijd tegen misbruik en huiselijk geweld.

Het stappenplan

Op de website worden de volgende stappen beschreven:

  1. Maak beleid op het gebied veilige kerk. Het verdient aanbeveling om een commissie aan te stellen om dit op een adequate manier uit te voeren. Het doel is om de thematiek op de agenda van de kerkenraad te houden.
  2. Stel vertrouwenspersonen aan.
  3. Stel omgangsregels en gedragscodes vast.
  4. Maak beleid rond het veilig werven en aanstellen van vrijwilligers
  5. Maak melden mogelijk
  6. Informeer alle betrokkenen

Wacht niet langer, maak werk van veilige kerk

Onderzoeken naar prevalentie en gevolgen van huiselijk geweld en seksueel misbruik laten steeds opnieuw schokkende cijfers zien. Het betekent dat ook nu, op het moment dat ik dit schrijf en u dit leest, er mensen binnen een kerkelijke setting te maken hebben met misbruik en geweld.

Het betekent dat er haast geboden is met het uitvoeren van de plannen. Laten we werken aan voorlichting, scholing van professionals en vrijwilligers, het aanstellen van vertrouwenspersonen en het bespreekbaar maken van grenzen, lichamelijkheid, intimiteit en seksualiteit.

Een veilige kerk begint met het onder ogen zien van het kwaad van seksueel misbruik en huiselijk geweld.

Lotgenotencontact in Sliedrecht

4 nov

Op woensdag 13 november 2019 is de eerste van zes thema-avonden voor mensen die te maken hebben gehad met huiselijk geweld en/of seksueel misbruik. Wat steeds weer blijkt, is dat het delen van pijnlijke levensverhalen heilzaam is. Het doorbreken van het geheim, het ontdekken dat je niet de enige bent die met bepaalde vragen en problemen worstelt en het leggen van verbanden tussen spanningen die je in het dagelijks leven ervaart en de traumatische ervaringen, heeft een helend en herstellend vermogen.

klein meisje

Klein meisje, door Esther Veerman. http://www.kunstuitgeweld.nl

De kunst van het delen

Delen valt niet mee. Vaak heb je alles op alles gezet om te zwijgen over wat je met je meedraagt. Stel dat het bekend wordt? Wat zullen mensen wel niet van mij denken? Moet ik al die pijn opnieuw aangaan?

Delen is een kunst. Mensen die begonnen zijn om over hun ervaringen te vertellen, ervaren dat een last van hun schouders is gevallen. Het delen van de trauma’s en het mogen uitvertellen, zet mensen weer op de benen.

Dat is de reden dat Esther Veerman (initiatiefnemer en coördinator van Stichting Kunst uit geweld met deze lotgenotengroep gaat starten. Zij doet dit in samenwerking met het Sociaal team Sliedrecht en ik zal zelf ook als traumapredikant aanwezig zijn.

Voor wie zijn deze avonden?

Heb je zelf ervaringen met huiselijk geweld en/of  seksueel misbruik en zou je er met andere lotgenoten over willen praten? Dan ben je hier aan het goede adres. Op de zes bijeenkomsten is er veel gelegenheid om ervaringen uit te wisselen. Elke avond staat er een bepaald thema centraal.  Het is fijn als het je lukt om alle avonden aanwezig te zijn. We gaan ervan uit dat je ook in staat bent om te luisteren naar de andere deelnemers.

De groep bestaat uit maximaal 8 deelnemers. Als er meer aanmeldingen komen, kijken we er een mogelijkheid is om een tweede groep te starten.

Goed om te weten: het zijn lotgenotenbijeenkomsten en dus geen groepstherapie. Wel zal iemand van het sociaal team Sliedrecht de bijeenkomsten leiden. Mocht er nazorg nodig zijn dan kunnen zij dat bieden of aangeven welke route te kunt volgen.

geworteld en gegrond in pijn

Esther Veerman ‘Geworteld en gegrond in pijn’

De avonden

De avonden vinden plaats op 15/11; 11/12; 15/1; 12/2; 25/3 en 15/4 van 19.30 – 21.00 uur. De locatie is het Bonkelaarhuis (Bonkelaarplein 7, 3363 EL Sliedrecht).

Het inhoudelijke deel van de avond en het gesprek worden door Esther Veerman of door  mij verzorgd, het sociaal team leidt de avond.

De thema’s

Nog even alle thema’s op een rij:

13 november: als de deuren opengaan -over erkenning en herkenning.

11 december: schuld en schaamte.

15 januari: verdriet en rouw.

12 februari: omgaan met boosheid.

25 maart: omgaan met seksualiteit.

15 april: zingeving – hoe verder?

Voor aanmelden en meer informatie: esther@kunstuitgeweld.nl

 

 

 

 

 

Een eenvoudige mishandeling

23 dec

Camiel Eurlings is opnieuw in opspraak. Via zijn advocaat heeft hij laten weten dat de berichtgeving over de aard en gevolgen van zijn mishandelen van zijn toenmalige vriendin niet juist waren. (In dit artikel lees je over de verklaring van de advocaat en over de reden van die verklaring).

Het moment van de verklaring is opmerkelijk. Eurlings is bestuurder bij NOC*NSF. Deze organisatie staat voor een enorme en belangrijke uitdaging om misbruik in de sport tegen te gaan. Het onderzoek van De Vries naar misstanden in de sport maken duidelijk dat er veel werk verzet moet worden om de veiligheid in het sportklimaat te herstellen. Bestuurders van onbesproken gedrag zijn hierin van doorslaggevend belang.

NOC*NSF zit in zijn maag met de geweldpleging van Eurlings. Tot nog toe wilde hij er niet over spreken. De zaak was achter gesloten deuren behandeld en Eurlings wilde het daarbij laten. Maar hoe beïnvloedt zijn zwijgen en zijn aanwezigheid de betrouwbaarheid van de sportkoepel? Vandaar dat het bestuur aandrong op een publieke verklaring. Het gegeven dat de ethische commissie geen probleem zag in het aanblijven van Eurlings, kon niet alle betrokkenen overtuigen.

Afbeeldingsresultaat voor free pictures violence

De gekozen woorden in de verklaring lijken echter als een boemerang terug te komen bij Eurlings. Om de beeldvorming te weerspreken, gaf hij aan dat hij zich niet schuldig heeft gemaakt aan zware mishandeling met letsel, maar aan ‘eenvoudige mishandeling’. Het gebruik van deze term laat de ruimte open dat Eurlings het niet zo erg zou vinden, hoewel hij dat dus niet zegt. In plaats van zich vrij te pleiten, staat hij opnieuw en heviger onder druk.

Dit heeft twee oorzaken. Allereerst is huiselijk geweld een containerbegrip. Onder de definitie van huiselijk geweld valt zowel seksueel misbruik als psychisch geweld. Het fysieke geweld omvat zowel levensbedreigende mishandelingen als ook de enkele klap, trap of schop. Het is allemaal geweld en dus ontoelaatbaar, maar er is natuurlijk wel verschil tussen herhaaldelijk ernstig letsel toebrengen en een enkele klap.

Toch is hiermee niet alles gezegd. Het is tot op zekere hoogte risicovol om een gewelddadige handeling ‘zwaar’ of ‘eenvoudig’ te noemen, omdat hier al snel in door kan klinken dat het allemaal wel mee viel.

De ernst en de gevolgen van geweld hangt af van verschillende factoren: 1) de achtergrondsituatie, 2) de feitelijke gebeurtenissen en hun beleving, 3) de reactie van het slachtoffer (bijvoorbeeld diens draagkracht en van omstanders. Deze drie elementen hebben ook invloed op elkaar. De combinatie van deze factoren bepaalt de ernst van het trauma en de gevolgen (Geschonden lichaam, pagina 21). Het kan dus zijn dat een ‘eenvoudige mishandeling’ wel degelijk leidt tot serieuze klachten.

In de tweede plaats lijken mensen die zich schuldig hebben gemaakt aan huiselijk of seksueel geweld in onze samenleving vogelvrij verklaard. Het is een opmerkelijk gegeven dat over veel geweld gezwegen wordt, om allerlei redenen. Als het geweld niet langer te negeren of te ontkennen is, wordt er vaak generaliserend of bagatelliserend gereageerd. Als dit ook niet meer mogelijk is, worden plegers als zondebokken uit onze samenleving verstoten. (Voor uitleg over deze mechanismen: Wie zonder zonde is…)

In de situatie van Eurlings betekent dit dat het lastig is om voor zichzelf te pleiten. Het wordt gekoppeld aan de vraag of hij wel echt spijt heeft en of hij de ernst van zijn daden wel inziet. Mag hij dan nog reageren op berichten die volgens hem, hem ten onrechte van bepaalde handelingen beschuldigen?

Tegelijkertijd heeft NOC*NSF behoefte aan betrouwbare bestuurders. De verhalen over misbruik in de sport raken een open zenuw in de samenleving. Het vraagt om betrokken bestuurders die het vertrouwen kunnen terugkrijgen dat zij alles op alles zetten om de sport veilig te maken en veilig te houden.

De aanvankelijke weigering van Eurlings spreekt niet in zijn voordeel. Ook lijkt Eurlings te weinig rekening gehouden te hebben met de gevoeligheden binnen het discours van geweld.

De strijd tegen geweld is gebaat bij betrouwbare bestuurders en bij evenwichtige en heldere standpunten.

Wie gelooft me nou? Mannelijke slachtoffers van geweld

25 jan

Onlangs verscheen er in het Belgisch internettijdschrift Knack.be een artikel over mannelijke slachtoffers van huiselijk geweld. Aanleiding voor dit artikel is het onderzoek van de Thomas Moore Hogeschool naar de hulpvraag van mannen die te maken hebben gehad met partnergeweld. Het onderzoek start in februari.

Ongeloof en onbegrip

Het is belangrijk en noodzakelijk dat er aandacht en ruimte komt voor mannelijke slachtoffers van geweld. Zij hebben immers niet alleen te maken met de fysieke en psychische gevolgen, maar ook met ongeloof en onbegrip. Mannen behoren sterk te zijn. Als mannen spreken over huiselijk geweld worden ze gezien als agressor of als slappeling.

Afbeeldingsresultaat voor bange hond

Gender

Deze beeldvorming is diep verankerd in onze cultuur. We dragen allemaal bewuste en onbewuste gedachten mee over mannelijkheid en vrouwelijkheid (gender). Zo worden bijvoorbeeld vrouwen vaak gezien als het zwakke geslacht en mannen als het sterke geslacht. Als het gaat over huiselijk en seksueel geweld worden vrouwen meestal gezien als slachtoffers en mannen als daders.

Overigens komen deze gedachten niet uit de lucht vallen. Cijfers over misbruik laten zien dat in de overgrote meerderheid de daders man zijn, en de slachtoffers vrouw. Bij deze cijfers zijn echter enkele kanttekeningen te maken.

Noodzaak om taboe te doorbreken

Allereerst blijkt dat in de nieuwere onderzoeken het traditionele beeld enigszins wordt bijgesteld. Er zijn ook vrouwelijke daders en er zijn mannelijke slachtoffers. De percentages verschillen, afhankelijk van de vorm van geweld. Bij seksueel misbruik is ongeveer 10% van de slachtoffers man, bij huiselijk geweld ligt dit percentage aanzienlijk hoger. Mannen melden met name psychisch geweld: vernederen en kwetsen.

In de tweede plaats moet het taboe ook (juist?) doorbroken worden als de groep klein en dus kwetsbaarder is. Deze mannen zijn beschadigd en hebben vervolgens moeite om hun verhaal te kunnen vertellen.

Aandacht voor mannelijke slachtoffers is dus niet het bagatelliseren van geweld tegen vrouwen, maar het in kaart brengen van het complexe en schadelijke van geweld.

Discours

Om ervaringen een plek te kunnen geven, hebben wel verhalen nodig als bedding voor onze ervaringen. Er moet dus een discours zijn om ervaringen te kunnen duiden. Als bijvoorbeeld het culturele verhaal is dat jongens geluk hebben als ze seksueel worden ‘ontgroend’ door de lerares, zal het voor de puber lastig zijn om zijn negatieve seksuele ervaring te duiden.

Als een mannelijke slachtoffer van huiselijk geweld wordt gezien als een agressor (je zult het wel hebben uitgelokt) of als slappeling zal hij zijnverhaal niet snel vertellen. Doet hij dit wel, kan hij rekenen op ongeloof en onbegrip. Dit mechanisme is trouwens ook zichtbaar in de verhalen van vrouwen die op volwassen leeftijd te maken hebben met seksueel misbruik.

Het is van belang om ruimte te maken voor mannelijke slachtoffers. De gevolgen van geweld kunnen ingrijpend zijn. Geweld (ook psychisch geweld) tast het zelfvertrouwen en de eigenwaarde aan. Slachtoffers kunnen kampen met depressies of met suïcidale gedachten. Gevoelens van schuld en schaamte weerhouden mannen ervan om aandacht te vragen voor hun verhaal.

In de afgelopen jaren is er in Nederland meer aan het licht gekomen over mannelijke slachtoffers. Volgens onderzoek is het lastig om betrouwbare cijfers te verkrijgen. Het geweld speelt zich in het verborgene af. Daarnaast melden mannen zich niet snel. En tot slot worden mannelijke slachtoffers niet gemakkelijk geloofd door de politie.

Geweld tast de integriteit en identiteit van de ander aan. Wat wij kunnen doen is ruimte maken voor de verhalen en zo een begin van herstel mogelijk maken. Voor mannen en voor vrouwen.

 

Wat als melden geen zin heeft?

27 apr

Vanochtend (27 april 2016) stond er een verontrustend en pijnlijk bericht in het AD. De wethouder van Nijmegen, Bert Frings, heeft het Ministerie van Volksgezondheid en Welzijn met klem opgeroepen om te stoppen met de campagnes om kindermishandeling  en huiselijk geweld te melden. De reden voor deze wonderlijke oproep is dat Veilig Thuis en Jeugdzorg in een aantal regio’s de meldingen niet meer kunnen verwerken. Frings zegt te spreken namens meerdere gemeenten.

80 zaken niet onderzocht

Zo zouden in Gelderland-Zuid nog 200 meldingen verwerkt moeten worden en zijn 80 zaken niet onderzocht. Tussen deze meldingen zitten ook zaken die binnen vijf werkdagen opgepakt moeten worden. Ook over de regio’s Zeeland, IJsselland en Haaglanden zijn grote zorgen.

Blijven melden

Het Ministerie laat weten dat er wel over de timing van de campagnes gesproken kan worden, maar niet over de campagnes zelf. Het is juist zaak dat er meer meldingen komen. “Ons doel is en blijft: zorgen dat kinderen of volwassenen die het slachtoffer zijn van huiselijk geweld, geholpen kunnen worden,” aldus een woordvoerder van het Ministerie.

Verontrustend 

Zowel de oproep van de wethouder als het antwoord van het Ministerie laten bij een onbevredigend en verontrustend gevoel achter. Wat als melden geen zin heeft? Soms kost het zoveel moed en energie voor slachtoffers of voor omstanders om het zwijgen te doorbreken en over te gaan te melden. Misschien dat de melding een klein lichtje van hoop ontsteekt. Zou het dan toch? Zou het toch zo zijn dat aan het geweld een einde wordt gemaakt? Dat ik dit toch niet verdien?

Schadelijk

Melden en ‘op de plank blijven liggen’ lijkt me nog schadelijker dan zwijgen en overleven. Als ik een gesprekspartner niet bij de hulpverlening kan brengen of dat een situatie van geweld of misbruik na melding weken- of maandenlang blijft liggen, doe ik er dan verstandig aan als predikant om een melding te doen? We weten dat geweld diep ingrijpt in alle facetten van het leven. We weten dat er 50 personen per jaar overlijden aan de gevolgen huiselijk geweld. We kúnnen niet wachten en het maar op zijn beloop laten.

Hoe bieden we goede zorg?

De reactie van de burgerlijke gemeenten en het Ministerie zou niet moeten zijn: ‘stop de campagnes’ of ‘we gaan door, want er moet gemeld worden’. Het probleem dat hier wordt aangestipt moet alle alarmbellen doen rinkelen. Er zijn kinderen en volwassenen die nu, op dit moment, mishandeld of misbruikt worden. Toch is er op dit moment te weinig capaciteit om meldingen te verwerken en hulpverlening te starten. Dáár moet het over gaan.

In de GGZ is fors bezuinigd op geestelijke zorg. Met name in de verschillende traumacentra moest ingegrepen worden om weer rendabel te worden. Niet omdat er onvoldoende cliënten waren – er waren al lange wachtlijsten. Nu zijn er wachtlijsten om op een wachtlijst te komen.

De vraag zou moeten zijn: hoe kunnen we de kinderen en volwassenen die nu in nood zijn op een adequate manier ondersteunen. Deze vraag kan niet maanden blijven liggen.

Seksueel misbruik en vergeving – enkele kanttekeningen bij de visie van Joyce Meyer

17 mei

Op zaterdag 9 mei 2015 was Joyce Meyer te gast in Nederland. Ze is een Amerikaanse evangeliste die op een toegankelijke manier haar boodschap via televisieprogramma’s en boeken uitdraagt. Meer dan 10.000 belangstellenden reisden af naar Rotterdam om haar in het echt te zien en te horen. Het verslag in het Nederlands Dagblad en een artikel op CIP.nl trokken mijn aandacht, met name door de manier waarop Joyce Meyer haar verleden van misbruik ter sprake brengt.

Betekenisvolle boodschap

Wat ik uit de artikelen en de reacties op de artikelen opmaak, is dat Joyce Meyer voor veel mensen in meer of mindere mate van betekenis is (geweest). Haar boodschap dat een ieder zich door de liefde van God aanvaard en gekend mag weten, heeft in veel levens een positieve verandering gebracht.  Ook maakt haar levensverhaal waar zij openhartig over spreekt, diepe indruk. In haar jeugd heeft zij te maken gehad met seksueel misbruik. Dit misbruik heeft haar langere tijd achtervolgd en bepaald. Op een later moment in haar leven heeft zij echter de liefde van God leren kennen. Deze liefde had een heilzame en herstellende werking voor haar. Zij kon het misbruik een plaats geven, overwon haar schaamte – en schuldgevoelens, en haar gebrek aan eigenwaarde. Ook herstelde ze het contact met haar ouders en kon hen vergeven.

Een overwonnen verleden

Over haar verleden zegt ze: “Mijn vader misbruikte mij ook seksueel. Jarenlang. Dat zorgde voor grote verwondingen in mijn hart. Ik praat hier veel over omdat miljoenen mensen te maken hebben met seksueel misbruik.” Voor Meyer betekende het leren kennen van God en het groeien in deze relatie de weg van herstel. “Mijn identiteit in God is een overwinnende identiteit. Als je een slachtoffer bent, kun je geen overwinnend leven leiden.” Het is de genade van God, het vervuld raken met de liefde van God, die haar genezing bewerkte. “Maar de waarheid maakt ons vrij, altijd. Dat kleine gewonde meisje dat ik was, is gestorven in Jezus. Zij is een nieuwe schepping.”

Het is bijzonder getuigenis dat Meyer steeds opnieuw geeft. Voor velen is haar verhaal waardevol en kostbaar. Er zijn mensen die te maken hebben gehad met huiselijk of seksueel geweld die zich optrekken aan het levensverhaal van Meyer. Het is mooi om deze verhalen te erkennen en recht te doen.

Andere ervaringen

Tegelijkertijd is er ook een andere werkelijkheid. Er zijn ook veel mensen die worstelen met geweldservaringen uit hun verleden, maar tot op de dag van vandaag lijden aan de gevolgen. Het spreken over vergeven roept vaak hevige emoties op. Door de grote stelligheid van Meyer (in ieder geval in de artikelen die ik gelezen heb en in het interview met Larry King) lijkt de ruimte voor andere ervaringen beperkt. Ben ik te weinig gelovig wanneer ik als slachtoffer van misbruik elke dag worstel met minderwaardigheid en het onvermogen om anderen te vertrouwen. Heb ik te weinig vertrouwen in Gods liefde en luister ik niet naar Gods stem wanneer ik de dader(s) niet kan vergeven?

Wat is vergeven?

Het Griekse woord voor vergeven betekent ‘losmaken’.  Door te vergeven wordt de band tussen dader en slachtoffer doorgesneden. Woede, haat en bitterheid zijn logische reacties op onrecht, maar houden in zekere zin je ook gevangen. Door te haten blijf je verbonden met de dader. In die zin is leren vergeven uiteindelijk heilzaam. Vergeven is het erkennen van de schuld en het afzien van wraak.

Het eerste dat bij vergeven hoort is de erkenning van de schuld. Wie is schuldig aan het misbruik? Wat zijn de gevolgen? Wat is er precies gebeurd? Deze vragen moeten gesteld worden en veronderstellen tijd. Er is tijd nodig om te begrijpen wat de gevolgen zijn van het aangedane leed. Er is tijd nodig om de verhalen die soms zo lang en zo onbereikbaar weggestopt zijn weer in de herinnering te laten komen. Bij voorbarige vergeving zijn soms nog niet alle verhalen verteld. Vergeven voelt dan als monddood gemaakt worden. Er is nu immers vergeven, moet je het weer oprakelen?

Het tweede is dat huiselijk en seksueel geweld ook gewoon strafbaar is. Er is sprake van onrecht. Onrecht roept woede op. Dat is volkomen Bijbels. Het is van belang en goed om hier ruimte voor te maken. Mary Fortune, een bekende Amerikaanse theologe die veel geschreven heeft over misbruik, noemt vergeving ‘de laatste stap in het proces van herstel’. Bij verhalen van misbruik hoort ook dat er over gerechtigheid gesproken wordt.

Het derde is dat vergeven misverstanden oproept. Vergeven  betekent niet dat er niet meer over gesproken mag worden. Vergeven is dus niet vergeten. Juist niet, lijkt me. Joyce Meyer vindt dit overigens ook, want nadat zij haar vader en moeder heeft vergeven, blijft zij over haar verleden spreken. Een ander misverstand is de gedachte dat vergeving hetzelfde is als verzoening. Verzoening is echter een stap verder: beide partijen trekken weer samen op en kunnen door één deur. Dat hoeft bij vergeving niet: het is de handeling van de vergevende partij. Vergeving is niet afhankelijk van de vraag om vergeving. Jij maakt je los van de dader.

Het vierde is dat je soms zo beschadigd kunt zijn dat vergeving een brug te ver zal blijken te zijn. Dan is het goed om je vast te houden en op te trekken aan het Bijbels spreken over gerechtigheid. God zal jou recht doen.

Het verlangen van omstanders

Waarom zijn we eigenlijk zo enthousiast wanneer slachtoffers tot vergeving komen? Is dat eigenlijk niet een beetje vreemd? Zijn we ook zo gericht op het regelen van vergeving wanneer het gaat om pedoseksuelen? Moordenaars? Dieven? Waarom wel wanneer de dader(s) uit de familiekring komt?

Soms lijkt het erop dat omstanders baat hebben bij voorbarige vergeving. Door de vergeving wordt het slachtoffer opnieuw het zwijgen opgelegd. Vergeving dient dan ineens het zwijgen. Door vergeving te benadrukken kunnen we snel proberen om de idylle van veiligheid weer te herstellen.

Het grote aantal slachtoffers van misbruik schreeuwt echter om openheid. Het doorbreken van het zwijgen is de weg naar preventie, de weg naar herstel. Vergeving is een krachtig en prachtig instrument op weg naar herstel. Het vraagt echter wel om openheid, gerechtigheid en om ruimte – ook of juist als mensen te beschadigd zijn.

Van ‘huiselijk geweld’ naar ‘veilig thuis’

2 feb

Afgelopen donderdag (29 januari 2015) werkte ik mee aan een symposium over huiselijk en seksueel geweld in kerkelijke context. Het symposium was georganiseerd door het Maatschappelijk Activeringswerk van de PKN in samenwerking met Veilig Thuis. Veilig Thuis is het nieuwe samenwerkingsverband van Steunpunt Huiselijk Geweld en het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling. In het Steunpunt Huiselijk Geweld waren in een eerder stadium al meerdere organisaties samengegaan die zich sterk maakten voor de strijd tegen de verschillende vormen van geweld.

door Esther Veerman

door Esther Veerman

Ruimte voor ernstige vormen van misbruik?

Wat ik persoonlijk intrigerend vind, is dat de problematiek van geweld niet meer wordt benoemd in de naamgeving van organisaties of symposia, maar het doel dat wordt nagestreefd: ‘Veilig thuis’, ‘veilige kerk’, ‘veilig jeugdwerk’.  Op zich is hier natuurlijk niets mis mee. Waar ik me wel zorgen om maak, is dat door deze naamswijzigingen het steeds lastiger wordt om aandacht te vragen voor de ernstige vormen van geweld.

Het Steunpunt Huiselijk Geweld stond voor de moeilijke taak om drie verschillende vormen van geweld onder de aandacht te brengen: psychisch, fysiek en seksueel geweld. Alle drie specifieke vormen van geweld die ernstige gevolgen kunnen hebben. Tegelijkertijd is ook duidelijk dat het tegengaan van seksueel geweld om een andere aanpak vraagt dan het tegengaan van psychisch en fysiek geweld. Een gevolg van het containerbegrip ‘huiselijk geweld’ was dat er minder aandacht leek te zijn voor seksueel geweld. In voorlichting waar ik samen mocht werken met het Steunpunt Huiselijk Geweld, merkte ik dat het Steunpunt het zwaartepunt legde bij ‘de klap’. Niet alleen leek er meer aandacht uit te gaan naar ‘mildere’ vormen van geweld, ook werd het principe van meervoudige partijdigheid gehanteerd.

Samen verder

Een belangrijke ontwikkeling bij de aanpak van huiselijk geweld is dat niet de veroordeling en de schuldvraag de boventoon voert, maar de vraag hoe het zover is gekomen dat er sprake is van huiselijk geweld. Veel plegers van huiselijk geweld geven aan dat zij uit machteloosheid hebben gehandeld. Deze gezinnen zijn gebaat bij een meer neutrale benadering: het geweld is afkeurenswaardig, maar de leidende hulpvraag is: hoe kunnen het gezin met elkaar weer verder. Hoe kan het thuis voor iedereen weer veilig worden?

Risico’s

Deze benadering brengt echter ook risico’s met zich mee. Onderzoeken hebben aangetoond dat 1 op de 7 vrouwen en 1 op de 10 mannen, als kind te maken hebben gehad met een vorm van seksueel misbruik. In de campagne moet ‘Veilig thuis’ de aandacht verdelen over ouderenmishandeling (waaronder financiële uitbuiting), partnergeweld, geweld door ‘opvoedonmacht (schelden en slaan) en seksueel misbruik. Opvoedonmacht vraagt om een andere benadering dan incest. Bij de laatste vorm van huiselijk geweld zal veel nadrukkelijker over onrecht worden gesproken. Bij de eerste vorm van geweld zal meer ruimte zijn voor begrip. Wanneer de focus van Veilig thuis komt te liggen bij het incidentele geweld en ‘mildere’ vormen van geweld, zal het lastiger worden om aandacht te vragen voor seksueel misbruik. Is er nog ruimte voor een morele stellingname?

Een tweede risico is dat de processen van dader en slachtoffer niet gelijktijdig zullen verlopen, terwijl wel wordt ingezet op het gesprek met hen beiden. Wanneer een dader tot inzicht komt (of wanneer een dader m/v door  -gedeeltelijk- schuld te erkennen hoopt om de episode snel achter zich te kunnen laten) zal het kwartje snel vallen en zal de dader open staan voor veranderingen. Vaak is de dader ook toegankelijker in de gesprekken: h/zij wil immers verder, is schuldbewust en zoekt naar verontschuldigingen. Slachtoffers hebben vaak tijd nodig om te beseffen wat de gevolgen zijn van het geweld en kunnen pas echt met hun verhaal naar buiten komen wanneer ze zich veilig voelen. Dit proces kost tijd, en maakt dat slachtoffers niet altijd ‘gemakkelijke’ gesprekspartners zijn: ze zoeken bevestiging, erkenning en veiligheid.

 

Aandacht blijven vragen voor morele stellingname

De ontwikkelingen rond huiselijk geweld hebben positieve kanten in zich. Veel stellen en gezinnen zijn gebaat bij een nuchtere en open houding ten opzichte van de misstanden in het gezin. Door die opstelling kunnen ze het geweld onder ogen zien en lukt het hen vaak om te veranderen. Het lijkt er op dat de behoefte om met allen in gesprek te raken soms belangrijker gevonden wordt dan een heldere stellingname. Zo sprak een hulpverlener over ‘degene de klap geeft, en degene die de klap ontvangt’.  Ontvangen is een actieve handeling. Door zo te spreken over geweld kan het voor slachtoffers lastiger worden om met hun verhaal naar buiten te komen. Is het dan toch mijn schuld?

 

Schuldig voetbal? Over de toename van huiselijk geweld tijdens het WK

3 jul

In een indringende column vraagt Marijn de Vries in dagblad Trouw aandacht voor huiselijk geweld. Het blijkt dat tijdens voetbalkampioenschappen er een forse toename is van meldingen van huiselijk geweld. Ook in Brazilië zelf is er aandacht voor geweld, met name tegen kinderen. Er is een app ontwikkeld om geweld tegen kinderen snel te kunnen melden. Ook hier is de verwachting dat het geweld tijdens het WK voetbal kan toenemen. “Vast staat dat het WK alle factoren samenbrengt waardoor kindermisbruik kan toenemen” zegt de woordvoerder van Childhood Brasil. Het WK in Brazilië doet dus de kans op huiselijk geweld en seksueel misbruik significant toenemen. Een pijnlijke constatering.

Het is goed en belangrijk dat we ons bewust worden dat zoveel mensen slachtoffer worden van huiselijk en seksueel geweld.  Het geweld is er. In onze dorpen en steden, in onze straten, in onze families. Nu met deze aandacht wordt het even een beetje zichtbaar.

rode kaart

Voetbal is niet de reden voor het geweld, maar kan wel als excuus worden gebruikt. Uit verhalen van huiselijk geweld is ‘schuld’ een belangrijk thema. Plegers zullen niet snel naar zichzelf kijken, maar van zich af wijzen. ‘Het huis is ook altijd een rommeltje’. ‘Wat zie je er bezopen uit’.  ‘Hoe durf je me tegen te spreken’.  Het schrijnende is dat slachtoffers van geweld zich vaak ook zelf schuldig gaan voelen. Het is een manier om de dreiging van het geweld te proberen af te wenden – een tevergeefse manier, omdat de schuld niet bij het slachtoffer, maar bij de dader ligt. Een reden voor dat schuldgevoel van het slachtoffer is dat het dragelijker lijkt om schuldig te zijn. Dan heb je immers ergens nog controle – als je alles nog beter schoon maakt… Als je nog beter je best doet..,  als je nog liever bent… Alles beter dan te beseffen dat je machteloos bent.

Geweld is nooit goed te praten en gaat ook niet vanzelf over. Ook niet als Nederland is uitgeschakeld of kampioen is geworden. Als je je schuldig maakt aan geweld, moet je hulp zoeken. Ontdekken waarom je jouw onmacht of jouw onvermogen op een ander moet afreageren. Als je buiten zinnen raakt door alcohol, moet je dus stoppen met drinken. Je kind en je partner zijn zoveel meer waard dan die ellendige roes. Als je slachtoffer bent van geweld, moet je hulp zoeken. Vandaag nog. Het gaat niet vanzelf over. Het Steunpunt Huiselijk Geweld kan jou alleen, of jullie samen helpen.

Voetbal is een excuus. Het brengt die factoren samen die kunnen leiden tot geweld. Drank, emotie, eindelijk uit je dak mogen gaan. Welke factoren maken dat jij jezelf niet meer in de hand hebt? Vraag mensen om jou te helpen die factoren in te dammen en geniet van het voetbal!

 

De olifant in de kamer: seksueel misbruik

25 apr

In het dagblad Trouw zijn we in de afgelopen weken bijgepraat over onze seksualiteit. Na een artikel over de vrouwelijke seksualiteit, volgde een artikel over mannelijke seksualiteit, en op 19 maart een derde artikel over de seks in relaties (19/4: standje waakvlam. -nog niet vrij beschikbaar op internet). Deze artikelen focussen zich op het (ontbreken van)  plezier beleven aan seks. In het eerste artikel komt naar voren dat veel vrouwen vooral hun mannelijke partner plezier proberen te doen en zelf tekort komen. Ook blijkt bijna de helft van de vrouwen pijn te ervaren bij het vrijen. In het artikel over mannelijke seksualiteit blijken veel mannen op te moeten boksen tegen een onjuiste beeldvorming. Ze hebben moeite om hun vrouwelijke partner te bevredigen, ervaren een gebrek aan opwinding en schamen zich over hun seksueel disfunctioneren. In het derde artikel, tenslotte, wordt beschreven hoe in een langdurige relatie het verlangen naar elkaar en seksualiteit steeds meer zullen afnemen.  Al met al een wat somber ogend beeld: vrouwen en mannen die worstelen met hun eigen seksualiteit en met de seksualiteit in hun relatie.

De olifant in de kamer

Aandacht voor seksualiteit is belangrijk. Goede seksualiteit bouwt immers op, bevestigt en  bekrachtigt. Negatieve seksualiteit breekt af. Daarom is het van belang om stil te staan bij de oorzaken van problemen met seksualiteit. Het is nodig om te zoeken naar wegen om ruimte te vinden voor helende intimiteit en seksualiteit. De richting waarin in de artikelen gezocht wordt (sleur, schaamte en geen aandacht voor de eigen seksualiteit) vertellen in mijn beleving niet het hele verhaal. Het lijkt erop dat iedereen de olifant in de kamer probeert te negeren.

olifant

Een misser

Wat opvallend is in de drie artikelen in Trouw, is dat er nergens gesproken wordt huiselijk en seksueel geweld. In mijn beleving een spijtige misser, omdat we inmiddels twee dingen weten. Allereerst toont elk onderzoek steeds opnieuw aan dat er meer mensen slachtoffer zijn van seksueel geweld dan we denken. Of het nu gaat om seksuele intimidatie in de zorgmisbruik in de jeugdzorg, steeds maken onderzoeken duidelijk dat er sprake is van een groot probleem. Onlangs werden de resultaten van een Europees onderzoek gepresenteerd. Dit onderzoek komt tot de conclusie dat 33% van de vrouwen sinds haar 15de levensjaar eenmaal of vaker slachtoffer zijn geworden van fysiek of seksueel geweld. In Nederland blijkt dit percentage op 45% te liggen. In het onderzoek is het geweld in de kindertijd dus niet eens meegenomen. Ook weten we uit ander onderzoek dat rond de 10% van de mannen te maken heeft gehand met seksueel misbruik.  Met andere woorden: een groot percentage van de Nederlanders heeft te maken (gehad) met huiselijk en/of seksueel geweld. De kans dat een van beide partners littekens mee draagt is dus vrij groot.

Gevolgen van geweld

Het  tweede dat we weten, is dat de gevolgen van huiselijk en seksueel geweld ingrijpend kunnen zijn. Slachtoffers van geweld kunnen moeite hebben om anderen te vertrouwen. Daarnaast zijn ze vaak kwetsbaarder omdat ze worstelen met hun eigenwaarde. Door schaamte en schuldgevoelens over het geweld worden de pijnlijke ervaringen vaak weggestopt en vermeden. Door triggers kunnen die ervaringen echter onverwacht weer present komen. Lichamelijke aanraking is een krachtige trigger. Enerzijds heeft elk mens het verlangen om gekend en geliefd te zijn. Een knuffel is meestal heilzaam en opbouwend. Anderzijds hebben de ervaringen van geweld alles te maken met de geschonden integriteit van het lichaam. Door de aanraking kan het verleden ineens weer aanwezig zijn. Seks die vanuit een liefdevolle relatie en intiem verlangen begonnen is, kan ervaren worden als de herhaling van een eerdere verkrachting.

Problemen met intimiteit en seksualiteit

Nu is het goed om een pas op de plaats te maken. De impact van geweldservaringen zal van persoon tot persoon verschillen. Lang niet alle mensen die een negatieve seksuele ervaring hebben, zullen zich herkennen als een slachtoffer van seksueel misbruik.  Maar het neemt niet weg dat áls mensen lijden onder de gevolgen van geweld, dit vooral tot uiting zal komen in problemen met intimiteit en seksualiteit.

Pastorale praktijk

In mijn pastorale praktijk heb ik meerdere personen gesproken (vrouwen én mannen) die spraken over eenzaamheid, over het gevoel onthecht te zijn of vervreemd van zichzelf of hun partner. De oorzaak hiervan hing vaak samen met emotionele verwaarlozing in de jeugd, en/of huiselijk en seksueel geweld. Deze onthechting en eenzaamheid werkte vrijwel altijd door in de relatie met de partner. Seksualiteit is vaak belast en wordt als onprettig of ongewenst ervaren. Er is sprake van schaamte en schuldgevoelens. Hier heb ik eerder een blog over geschreven, waarin met name de verwarring tussen intimiteit en seksualiteit en het onvermogen grenzen te bewaken en bespreekbaar te maken aan de orde komen.

Aandacht noodzakelijk

Natuurlijk zijn niet alle problemen op het gebied van seksualiteit terug te voeren op ervaringen met huiselijk en seksueel geweld. Wel zou het goed zijn, gezien het grote aantal mensen dat hier slachtoffer van is geworden, en de ernst van de gevolgen die met name door lichamelijkheid, intimiteit en seksualiteit aan het licht komen, seksueel misbruik meer onder de aandacht te brengen. Zeker wanneer er problemen zijn op het gebied van intimiteit, seksualiteit of het vermogen de ander te durven vertrouwen.

Allerlei onderzoeken tonen steeds opnieuw aan dat huiselijk en seksueel geweld een maatschappelijk probleem is. De olifant in de kamer, waar we vooral niet over willen praten. Vermijden, ontkennen en verzwijgen houden het taboe in stand. Het wordt tijd om de gevolgen van misbruik blijvend bespreekbaar te maken.

Tja, als het kind geen nee zegt – …

27 nov

De afgelopen dagen werd het gebracht als groot nieuws: ‘huilen en ‘nee’ zeggen verkleint de kans op ongewenst intiem contact.’  Het is een van de conclusies uit het onderzoek van Inge Hempel, waarop ze vandaag (27/11/2013) hoopt te promoveren. Zowel het journaal als landelijke dagbladen besteedden ruime aandacht aan deze bevinding. In gesprekken in mijn pastorale praktijk merk ik dat deze berichtgeving verwarring, boosheid en hernieuwde schuldgevoelens oproept bij (familie van) slachtoffers van seksueel misbruik. De onderzoeker zelf is overigens genuanceerder dan de krantenkoppen. Inge Hempel meldt in de krant dat kinderen nooit verantwoordelijk zijn voor het misbruik, en dat daders excuses zoeken om hun gedrag te vergoelijken. Toch zaait dit nieuws-item verwarring en onrust. Waar raakt dit onderzoek eigenlijk aan? (Het artikel in de Volkskrant lees je hier.)

Klein meisje, door Esther Veerman. www.kunstuitgeweld.nl

Klein meisje, door Esther Veerman. http://www.kunstuitgeweld.nl

Dadermechanismen

Voor haar onderzoek heeft Hempel daders van seksuele misbruik geïnterviewd. Een van de conclusies die zij trekt is dat daders minder snel geneigd zijn om over te gaan tot seksueel misbruik, wanneer een kind duidelijk aangeeft intiem contact niet op prijs te stellen. Onschuldige reacties zien daders als een uitnodiging om over te gaan tot ongewenste grensoverschrijdingen. Onschuldig gedrag is bijvoorbeeld giechelen, op schoot kruipen of je kamer laten zien. Wat de daders dus eigenlijk zeggen is: “het kind gaf de verkeerde signalen af. Ik dacht dat zij.hij het fijn vond en zelf ook wilde. Want als het kind ‘nee’ had gezegd, had ik geweten dat het niet goed was.” De dader legt dus niet de schuld bij zichzelf, maar buiten zichzelf bij het kind.

Zedendelinquenten hebben over het algemeen grote moeite om  toe te geven wat zij hebben misdaan en daar ook de verantwoordelijkheid voor te nemen. In mijn onderzoek naar het proces in de kerkenraad wanneer een predikant seksueel misbruik heeft gepleegd, bleken daders hardnekkige ontkenners. Op het moment dat het misbruik aan het licht kwam, volgde er vaak een oppervlakkige en snelle schulderkenning. Niet uit berouw, maar als instrument om de schade zo beperkt mogelijk te houden. Een eerste mechanisme, wanneer ontkennen niet meer haalbaar is, is gedeeltelijke schulderkenning. Er is wel spijt, maar meer over het betrapt worden dan over de daden. Een (klein) deel van de daden wordt opgebiecht. Een tweede mechanisme is bagatelliseren: ik heb het wel gedaan, maar het was niet zo erg. Of: ik heb het wel gedaan, maar ik bedoelde het niet zo. De feiten worden wel erkend, maar de betekenis wordt geminimaliseerd. Een derde mechanisme is generaliseren De betekenis wordt wel onderkend, maar de feiten geminimaliseerd. ‘Het kan iedereen overkomen, ik kon het niet echt helpen’. Deze mechanismen hebben tot doel het gedrag te rechtvaardigen.

In de opmerkingen in het krantenartikel zijn die dadermechanismen ook te herkennen. De hoogleraar forensische psychiatrie Hjalmar van Marle merkt dit ook op in het artikel: ‘het onderzoek bevestigt het  hardnekkig karakter van gedachten die kindermisbruikers hanteren om seks met kinderen te rechtvaardigen en de noodzaak van een intensieve behandeling om herhaling te voorkomen’. In dat licht zou een kop als ‘zedendelinquenten hebben intensieve therapie nodig’ de lading die meekomt in de uitspraken van de daders beter dekken.

Misbruikmechanismen

Het onderzoek verlegt echter de focus naar de kinderen. Nu is het beslist waar dat het heilzaam is wanneer kinderen leren om grenzen aan te geven. Het is noodzakelijk dat kinderen in een veilige omgeving leren om te voelen wat goed is wat niet. Een goede seksuele opvoeding zal kinderen helpen om bepaalde situaties sneller te doorzien en te bevatten.

Tegelijkertijd gaat misbruik in eerste instantie niet over intimiteit en seks, maar over machtsmisbruik. In het overgrote deel van de gevallen is de dader een bekende van het slachtoffer. Een familielid, een huisvriend, iemand die door de ouders vertrouwd wordt. Dat geeft de dader de mogelijkheid om dichtbij het slachtoffer te komen en het kind te manipuleren. Is het raar wanneer een oom vraagt om de slaapkamer te mogen zien? Is het vreemd wanneer een kind bij een huisvriend op schoot zit? Of bij opa? Kinderen zijn ongelofelijk loyaal. Als het web gesponnen is, en het misbruik begint, zal een kind misschien de handelingen als naar ervaren. Maar uit loyaliteit en angst om de aandacht en liefde te verliezen, zal het kind zwijgen.

Daarnaast kan het ook zijn dat een kind helemaal geen taal heeft om de ervaringen te verwoorden. De seksuele handelingen passen op geen enkele manier bij de belevingswereld van het kind. Hoe zou een kind dan een grens aan kunnen geven?

Tot slot: het gaat om macht met seksualiteit als middel. De dader zal zoals gezegd proberen te manipuleren. Het bezitten van het kind, het laten geloven dat zij/hij het zelf wil, is de ultieme vorm van misbruik. Een dader heeft daarnaast óók de mogelijkheid om geweld toe te passen. De dader is sterker en groter dan het kind. Er zijn veel verhalen bekend van slachtoffers die na fysieke mishandelingen en bedreigingen nooit meer een traan hebben gelaten – uit angst voor represailles.

Schuld en schaamte bij het slachtoffer  

Kinderen die te maken hebben (gehad) met seksueel misbruik worstelen over het algemeen met schuldgevoelens en met schaamte. Het seksueel misbruik raakt aan de identiteit van het slachtoffer, waardoor zij/hij zich schaamt. Een veel voorkomend gevolg van misbruik is een laag zelfbeeld. Omdat de seksuele handelingen de lichamelijke integriteit van het slachtoffer hebben geschonden, voelt zij/hij zich vaak slecht en vies. Dit schaamtegevoel wordt versterkt door schuldgevoelens. Opvallend is dat bijna alle slachtoffers van seksueel misbruik in meer of mindere mate denken dat zij zelf schuld hebben aan het misbruik (dit is een van de redenen waarom het voortijdig spreken over vergeving zo verwarrend en schadelijk kan zijn)

Het moeten ondergaan van seksueel misbruik betekent dat het slachtoffer volledig machteloos is. Deze onmacht is zo moeilijk te hanteren, dat het dragelijker is om schuldig te zijn. Wanneer je immers schuldig bent, betekent het dat je op de een of andere manier controle had kunnen uitoefenen en in de toekomst misbruik zou kunnen voorkomen. Het schuldgevoel wordt versterkt door boodschappen van de daders (jij bent schuldig, jij verleidt mij, God ziet jou), en door de loyaliteit van de slachtoffers. Die volwassene die je zou moeten kunnen vertrouwen, die kan toch niet slecht zijn?

Deze schuld- en schaamtegevoelens bepalen het leven van het slachtoffer. Soms zijn/haar hele verdere leven. In therapie is een van de draden die moet worden afgewikkeld: wat is er precies gebeurd? Wie is echt schuldig? Het gaat om het ontdekken dat het slachtoffer machteloos was en dat de schaamte en de schuld niet bij het slachtoffer, maar bij de dader horen. Het ongenuanceerd bericht over het onderzoek raakt aan die schuldgevoelens en zal voor veel slachtoffers en hun ouders negatief kunnen doorwerken.

De samenleving

Mij puzzelt nog één ding. Waarom hebben de kranten dit zo enthousiast opgepakt? Waarom meldde het journaal op radio en tv dat kinderen moeten leren ‘nee’ zeggen? Het is geen nieuws. Er zijn al decennialang preventietrainingen. Wat is de echte nieuwswaarde? Ik heb het vermoeden dat de samenleving moeite heeft om zich te realiseren hoe onveilig de omgeving kan zijn. Er zijn bijzonder veel kinderen die slachtoffer worden van huiselijk en seksueel geweld (zie bijvoorbeeld het tweede item van Een Vandaag hier) Zwemleraren, medewerkers van kinderdagverblijven, leerkrachten, enzovoort blijken daders te kunnen zijn. Zijn onze kinderen eigenlijk nog wel veilig? En: hoe moeten we als ouders leven met de angstige gedachte dat wij uiteindelijk onze kinderen nauwelijks kunnen beschermen wanneer ze worden geconfronteerd met potentieel seksueel misbruik.

Tegen die achtergrond is de boodschap van het onderzoek inderdaad groot nieuws. We kunnen onze kinderen trainen. We kunnen ze weerbaar maken. Het is weliswaar geen garantie, zegt Hempel erbij, maar het verkleint de kans op misbruik. En daar heeft ze natuurlijk ook gelijk in – alleen moet er wel iets meer worden uitgelegd.  Die kanttekeningen heb ik hierboven gemaakt.

De samenleving is gebaat bij bewustwording. Verhalen moeten worden verteld. Het geeft slachtoffers de ruimte om hun verhaal te vertellen en op adem te komen. Het maakt duidelijk wie schuldig is en wie niet. Bewustwording zal ook potentiële daders opjagen. We tolereren onrecht niet langer. We kijken niet weg. Laten we opstaan tegen geweld, als bondgenoten van slachtoffers.