Tag Archives: storm

Zegenwens

28 mrt

Moge je toekomst zijn zonder stormen

Maar mochten er stormen komen – dat de wind je in de rug blaast

mocht de storm tegenwind zijn – dat je de juiste zeilen hebt

mocht de storm de bodem onder je bestaan wegslaan – dat de Levende Heer je opvangt en doet opstaan om de storm te weerstaan

 

Kan het U niets schelen?!

20 jun

‘Kan het U niet schelen dat we vergaan?’ De discipelen van Jezus schreeuwen het uit (Marcus 4, 35 – 41). Kan het U niets schelen?! Ze hadden gedaan wat hen gevraagd was. ‘Vaar maar naar de overkant’ had Jezus gezegd. Ze hadden niet gemopperd en geen vragen gesteld, hoewel het al laat was en het op het meer behoorlijk kon spoken – zeker in de nacht. Tegen het vallen van de avond echter, waren ze het meer op gevaren. Jezus was moe van de afgelopen dagen en viel al snel in slaap. De discipelen – ervaren vissers – bepaalden hun koers, dempten hun stemmen, sloegen de lijnen aan en hesen het grootzeil. Image Storm

De storm kwam onverwachts. In volle hevigheid stuwde de hevige wind de golven hoog op. Voordat de discipelen goed en wel beseften, stond de boot al vol water. De vissers reageerden razendsnel. Met vereende krachten probeerden ze het schip recht op de wind te krijgen en het zeil te strijken. Ze waren echter kansloos. Het zeil scheurde en het roer kraakte vervaarlijk.  De plotseling opgestoken storm was gewoonweg te krachtig. Het schip dreigde te vergaan. De discipelen grepen zich vast aan het schip, maar dat was niets meer dan een speelbal in de wind. Geen houvast, geen grond onder de voeten. In doodsangst schreeuwden ze het uit. En die Jezus? Die ligt gewoon te slapen – een doodsslaap, ‘Kan het U niet schelen dat we vergaan?!’ Image   Kan het U niets schelen?

Die discipelen – we zitten met hen in het schip. Wat kun je overvallen worden door stormen in je leven, totaal onverwachts en onvoorbereid. Van het ene op het andere moment neemt je leven een wending waar je nooit voor gekozen hebt. Een ziekte die zich openbaart. Een geliefde die je los moet laten. Een toekomst die al in de dop wordt afgebroken. Een verlangen dat niet vervuld wordt. Wanneer je fouten hebt gemaakt en jezelf of anderen niet meer onder ogen durft te komen. Wanneer je door tekorten of gebeurtenissen je schaamt voor wie je bent. Wat kan het stormen in ons leven. Onze muren worden omvergeblazen, onze maskers kunnen we niet ophouden. In doodsangst staan we onbeschut en kwetsbaar in weer en wind. Waar vinden we houvast? Waar nog zekerheid? En God? In het midden van al het tumult, in de chaos van de storm lijkt Hij misschien de  grote afwezige. God waar bent U? Kan ons lot U niets schelen?

‘Dit is mijn lichaam’

De discipelen maken Jezus wakker. Eigenlijk staat er ‘ze wekken hem op’. Jezus staat op en bestraft de wind. Het klinkt als een vooruitwijzing naar Pasen. Het is Gods Zoon die de kwade machten overwint, die de kwade machten heeft overwonnen. Het is Jezus die onze lasten gedragen heeft, die aan het kruis verzoening heeft bewerkt tussen God en mens. Het is Christus in wie een nieuwe schepping is begonnen. Kan het U niets schelen? Ja, het kan God alles schelen. In de storm vergeten we dit ook weer gemakkelijk – en dat is op zich niet raar. Want wat kan het leven soms ongenadig op zijn kop worden gezet. Wat hebben we het nodig om herinnerd te worden aan Gods liefde, aan Gods bewogenheid. Het Avondmaal kan zo’n oase zijn. Het brood dat we breken is het lichaam van Christus. We zijn met Hem verbonden, Hij heeft ons bevrijd. Hij heeft ons opgezocht in de duisternis, in de angstige krochten van het bestaan en ons thuisgebracht. Wat kunnen we schreeuwen van angst en wanhoop als de storm tekeer gaat. In de storm klinkt het antwoord: ‘Dit is mijn lichaam – houd moed, Ik heb de wereld overwonnen’.

Storm

3 apr

Afgelopen week raasde er een storm over Nederland. Via het journaal en Facebook werden de schade en de hinder die de storm veroorzaakte zichtbaar. Ontwortelde bomen die soms al een leven lang deel uitmaakten van het uitzicht. Omvergeblazen schuttingen, Een ingestorte muur. Omgewaaide vrachtwagens. Met veel geweld kwam de regen met bakken uit de lucht, en geselde de hagel de grond. Beekjes en afvloeiingskanalen veranderden van traag stromende idyllische vergezichten in dreigende stromen. Dat is wat storm kan doen.

ontwortelde boom

Binnenstorm

In de afgelopen weken heb ik meerdere mensen gesproken die veel met zich meedragen. Soms zo onzichtbaar voor de buitenwereld. Ik moest aan hen denken toen de storm langs ons huis gierde. ‘Bij mij stormt het van binnen’ vertelde een van mijn gesprekspartners. Het is moeilijk voor te stellen wat het betekent wanneer het stormt. Maar de beelden van de schade van de storm van afgelopen week maken iets van die binnenstorm zichtbaar.

Onbeschut

Het eerste dat weggeblazen wordt, zijn de zorgvuldig geplaatste schuttingen. De muren en maskers die niet alleen de binnen- en de buitenkant van elkaar moeten scheiden, maar ook de verschillende episoden uit het levensverhaal uit elkaar houden. Als de schuttingen neergaan, ontstaat er chaos. Het ene verhaal roept het andere verhaal in herinnering. Elke orde lijkt verdwenen en de verhalen overspoelen je. Door de kracht van de binnenstorm is het (bijna) niet meer mogelijk om de buitenkant te stutten. Het kost bakken met energie, maar het lijkt een onbegonnen klus.

Ontworteld

Bomen raken ontworteld. Tot nog toe was je van een paar dingen zeker. Bepaalde levensovertuigingen. De liefde van de ander. De nabijheid van de ander. Plekken om te schuilen. Plaatsen die zekerheid boden. Maar de binnenstorm ontwortelt de bomen die jou houvast gaven. Alles lijkt om te vallen en raakt op drift. Waar vind je nog een schuilplaats? Grip?

Onbegaanbaar

Omgevallen vrachtwagens versperren de weg. Je komt tot stilstand, moet zoeken naar nieuwe wegen. De leegte die je kunt voelen. De ondraaglijke lichtheid van het bestaan. Als zelfs vrachtwagens om gaan hoe zou jij nog koers kunnen houden?

Groene weiden en vredig water zijn moerassen geworden en dreigende stromen. Waar vind je die plek waar je tot rust komt en iets van vrede ervaart?

Uithouden in de storm

De beelden van de storm haakten aan bij de verhalen van mijn gesprekspartners. Verhalen van gebrokenheid, verlies, verlatenheid. Misschien kunnen we door een luisterend oor een begin van een schuilplaats worden in het woeden van de storm. Misschien kunnen we door het uit te houden in de slagregens die de ander treffen, een houvast worden.

In ieder geval doet het me ook denken aan het scheppingsverhaal. Genesis begint met chaos. Woestheid en doodsheid. Maar als God begint te spreken, is er licht. Hoop – tegen de klippen op misschien. In Jezus is die hoop verankerd. Herschepping, een nieuw begin. Voor zijn lijdensweg zegt Hij: “Mijn vrede geef ik jullie. Verlies de moed niet.” (Johannes 14, 27). We staan op de drempel van het Paasfeest: feest van opstanding, feest van hoop. Dat de storm in je mag gaan liggen. Dat je mensen op je pad mag vinden die je trouw zijn. Dat je mag opstaan met Jezus, de Levende.

Jona – deel 1

14 aug

Bij mijn afscheid van de Protestantse Gemeente ‘t Harde mochten de kinderen hun lievelingsverhaal uit de Bijbel kiezen. Dit is de keuze van Noortje

Hallo Noortje, super dat mijn verhaal jouw lievelingsverhaal is. Ik heb dan ook nog al wat meegemaakt. Luister maar:

“Nee! Ik doe het niet! Nooit!”

Snel zoek ik mijn spullen bij elkaar voor de reis. Mijn  ogen schieten door de ruimte waar ik de afgelopen jaren gewoond heb. Tijd om afscheid te nemen.

Ik reis naar Jafo, een havenplaats. Het bruist bij de haven. Het is druk.  Mensen uit allerlei landen kopen of verkopen handelswaar. Vissers maken hun netten klaar of proberen hun vers gevangen vis aan handelaren te verkopen. In deze wirwar zoek ik een schip dat mij mee wil nemen naar Tarsis – want ik wil ver weg.

jona aan boord

Waarom? Ja, dat klinkt misschien een beetje raar, maar God heeft tegen mij gezegd dat ik naar Ninevé moet. Hoe hoor je de stem van God? Weet je, ik heb op de profetenschool gezeten. Die scholen werden populair in de tijd van Elia en Elisa. De profetenscholen bestaan nog steeds. Profeten zijn belangrijk in Israël. We worden om raad gevraagd bij lastige kwesties en onzekere ontwikkelingen. Op school leren we om de Bijbel heel goed te lezen. Dat is misschien wel het belangrijkste om God te leren verstaan, omdat je in die verhalen in de Bijbel heel veel van God kunt leren. Ook oefenen we om stil te zijn, en te luisteren of God ons ook iets te zeggen heeft. Ik heb de school niet afgemaakt. Ze vonden dat ik niet zo goed kon luisteren en dat ik te snel was afgeleid.

Ik ben toen maar voor mijzelf begonnen. Een kleine profetenpraktijk. Opeens was daar die stem van God. ‘Ga naar Ninevé en zeg tegen die stad dat ze moeten stoppen met hun slechte daden’. Nou, naar Ninevé. Ze zullen me zien aankomen. Het is een stad met trotse inwoners. Je kunt ze maar beter te vriend houden. Stel je voor dat ik daar op hun pleinen zou roepen dat ze slechte dingen doen. Straks gooien ze me nog in de gevangenis.

Er restte me dus maar één ding: wegwezen. Tarsis leek me een goed plan. Daar zou ik opnieuw kunnen beginnen. En God zou wel begrijpen dat ik echt niet naar Ninevé wil en kan gaan. Veel te moeilijk. En zo ben ik in de haven van Jafo op zoek naar een schip.

Al snel vind ik een schipper die mij mee wil nemen. Ik ben echt heel erg moe, en als het schip op volle zee is, val ik in een diepe slaap in het ruim tussen de lading. Ik merk niet dat het weer omslaat. Het zonnetje maakt plaats voor donkere wolken. Het begint steeds harder te waaien en de wind loeit om het schip. De zeelui hebben al heel wat meegemaakt, maar bij deze storm slaat hen de schrik om het hart. De golven zijn werkelijk torenhoog. Met groot geweld spatten de golven uiteen op het schip. Als een aanmaakhoutje slingert het schip op de golven. Wat de zeelui ook proberen, ze krijgen het schip niet onder controle. Ze worden bang. ‘Schipper, dit loopt niet goed af! Straks verdrinken we nog!’ Om het schip te redden en lichter te maken, gooien ze zo veel mogelijk overboord.

Ook dat helpt niet. Alle zeelui beginnen te roepen en te bidden. De schipper kijkt rond en ziet tot zijn verbazing dat  ik nog lig te slapen. Hij is boos en in paniek. “Wat lig je nou te slapen man! Bid tot jouw god dat we niet vergaan!’ Geschrokken spring ik overeind. In een flits is het me duidelijk. Deze storm – het gaat om mij…