Tag Archives: toekomst

Kerk met toekomst

9 mrt

Toen de eerste coronagolf net over zijn hoogtepunt heen was, publiceerden Remmelt Meijer en Peter Wierenga hun boek Herkerken. De toekomst van geloofsgemeenschappen. De coronacrisis grijpt diep in in het kerkelijk leven. De meeste kerken zijn snel digitaal gegaan. Maar de aanblik van lege kerkzalen, de moeite om de onderlinge verbondenheid vast te houden en het stilvallen van kerkelijke activiteiten werken moedeloosheid en apathie in de hand. Volgens de auteurs laat de coronacrisis in de kerken zien wat al veel langere tijd al dan niet sluimerend aanwezig is. Al veel langer ondervinden kerken de invloed van individualisme en lossere onderlinge verbanden. door de coronacrisis wordt die andere crisis (secularisatie) versnelt en verdiept.

De crisis is niet alleen een tijd van verlies en zorg, maar biedt ook kansen. Ik betrek het maar op onze eigen geloofsgemeenschap: we worden uitgenodigd en uitgedaagd om na te denken over onze kernboodschap na te denken. Wat bedoelen we met Gods huis? Welke functie heeft ons kerkgebouw in de wijk? Wat is onze missie en hoe verhoudt zich dat met Gods missie?

De eredienst is een van de belangrijkste manieren waarop onze gemeente zich presenteert. Meijer en Wierenga pleiten ervoor om opnieuw na te denken over de vieringen in de kerk. Ze stellen dat de belevingswerelden inmiddels zo verschillend zijn, dat het geen zin meer heeft om in te zetten op een viering waarin alle ‘kleuren’ een plek krijgen. In hun visie zou er meer ingezet kunnen worden op verschillende soorten vieringen binnen een geloofsgemeenschap. Met name de tweede dienst op zondag leent zich hier voor. Het tweede is dat vieringen gebaat zijn bij eenvoud. Kunnen toeschouwers zich de liturgie eigen maken en zo deelnemer worden? Veel van de huidige diensten vragen of om meer uitleg, of om meer vereenvoudiging. “Kleinere samenkomsten leiden tot nieuwe ontdekkingen” (61) Tot slot leggen de auteurs de vraag voor hoe de vieringen opnieuw ingebed kunnen worden in de geloofsgemeenschap. Zeker als er verschillende vieringen zijn die een eigen publiek trekken, is de vraag naar verbinding van belang. Het vraagt om dialoog over de identiteit van de gemeente en om concrete handvatten hoe de vieringen doordeweeks door kunnen werken.

Het herkerken reikt verder dan het opnieuw vorm geven van de eredienst. Het raakt aan de organisatie van de geloofsgemeenschap. Veel geloofsgemeenschappen zijn al jaren bezig om vooral op de winkel te passen. Soms met kunst- en vliegwerk wordt de tent draaiende gehouden totdat het echt niet meer gaat. Meijer en Wierenga nodigen om op een andere manier naar de geloofsgemeenschap te kijken. Het gaat met name om relaties: we zijn als geloofsgemeenschap het Lichaam van Christus. Het betekent dat relaties op de eerste plaats komen. De kerk is vindplaats en oefenplaats van Gods nieuwe wereld. De enige contante in de kerkgeschiedenis is dat Rijk van God. Dat kader verandert niet. Alle andere kaders zullen van tijd tot tijd bijgesteld moeten worden.

Het denken vanuit relaties vraagt volgens de auteurs om drie belangrijke thema’s op een andere manier te benaderen. Het eerste thema is verantwoordelijkheid. Veel geloofsgemeenschappen hebben (onbewust) bijgedragen aan consumentisme. Gemeenteleden bezoeken als consumenten de activiteiten. De activiteiten worden zoveel mogelijk afgestemd op de behoeften van de bezoekers om zoveel mogelijk bezoekers tevreden te stellen. De kerk van de toekomst haakt niet aan bij het consumptiegedrag, maar zoekt naar mogelijkheden om mensen medeverantwoordelijkheid te geven. Kerk ben je samen. Het tweede thema is ruimte voor het experiment. In de oude kerk waren er meer functies die tot verrassende inzichten en ontwikkelingen leidden: apostelen, evangelisten en profeten. Het sluit ook aan bij het eerste punt: geef mensen ruimte en omarm het experiment. Het derde thema betreft de visie op de dominee en de kerkenraad. De kerk zou niet langer de kerk van de predikant moeten zijn. Nu is het vaak zo dat activiteiten pas doorgang vinden als de predikant er op de een of andere manier bij betrokken is. Een geloofsgemeenschap zal moeten leren om meer van onderop en vanuit samen te denken. De rol van de predikant is meer coachend en toerustend.

Deze crisis vraagt dus om een omslag in denken. Niet langer vanuit het verleden, maar vanuit de toekomst, het Koninkrijk (86). De kerk als broedplaats van liefde (97). ‘Een kerkdienst met vijfhonderd mensen heeft veel waardevols te bieden, maar is niet de plek waar de onderlinge liefde geoefend en verdiept wordt’ (103). ‘Massale kerkdiensten of vieringen zullen van tijd tot tijd als zeer
samenbindend en inspirerend ervaren kunnen worden, maar het is hoog tijd om te zien dat we moeten herkerken naar de kleinere en menselijke maat.’ (104) Niet dat de kleine groep de grote vervangt, maar we kijken te beperkt: ‘Daar in die huiskamers en buurthuizen, daar gebeurt kerk.’ (104).

De kerk van toekomst is een kerk die bewegelijk is in activiteiten, samenkomt in kleinere groepen en relevant is voor de buurt of wijk.

Het boek nodigt uit om opnieuw te doordenken waarom we ook al weer kerk zijn. Het nodigt uit om minder formalistisch en organisatorisch te denken, en het experiment en de ideeën van onderop ruimte te geven. Dat zal ook helpen om meer gemeenteleden medeverantwoordelijkheid te geven.

De vraag is wel of de waarde van de huidige geloofsgemeenschap voldoende wordt gewaardeerd. Misschien kan een geloofsgemeenschap pionieren en vloeibaarder organiseren als er een vertrouwenwekkende kerk is die al eeuwen meegaat en ook komende stormen zal kunnen doorstaan. Een kerk om op terug te vallen en uit weg te trekken.

Het komt aan op verbinding. Allereerst op het verbinden met God, op opnieuw verbinden met de bron die leven geeft. En op het verbinden met de geloofsgemeenschap. We hebben elkaar nodig op onze levensreis.

  1. Wat spreekt jou aan in het boek Herkerken? Wat roept weerstand op?
  2. voel jij je verbonden met een geloofsgemeenschap? Is die verbinding aan verandering onderhevig? Wil je daar iets over vertellen?
  3. Wat is volgens jou de kern van de geloofsgemeenschap en welke kernwaarden horen daarbij?
  4. Welke stappen zou je zelf willen zetten?
  5. Welke stappen zouden we als geloofsgemeenschap kunnen zetten?

Een droom die uitnodigt om op te staan

15 apr

Ik droom van een kerk als plaats waar we op adem mogen komen, waar we rust vinden, vertrouwen hervinden, liefde ontvangen, zodat we ons bewust worden van de hoop door Gods liefde in Jezus Christus.

Ik droom van een kerk die ons richting geeft, bemoedigt en bekrachtigt, zodat we als gezegende mensen tot zegen mogen zijn voor mensen om ons heen.
Ik droom van een kerk die licht brengt in de samenleving, mensen helpt opstaan, omdat we weet hebben van de mens als beelddrager van God.
Ik droom van een kerk waar iedereen thuis mag komen, waar kinderen en jongeren ons leren van Gods bewogenheid en wij hen mogen leren over richting en bestemming.
Ik droom van een kerk die niet beknelt, veroordeelt en beschadigt, maar van een kerk die ruimte geeft. Een kerk die vertelt over de liefde van Jezus voor kwestbaren en gekwetsten, van het Rijk van God – een rijk van recht en barmhartigheid.

Ik droom van een kerk die kwade machten ontmaskert, die het kwaad als kwaad benoemt en ons voorgaat in de strijd voor recht en gerechtigheid, in de wetenschap dat Jezus door zijn lijden, sterven en opstanding de krachten van duisternis en dood heeft overwonnen.

Ik droom van een kerk die Gods Geest ademt, tot heil van de samenleving.

Als de toverhazelaar bloeit

10 apr

Toen we afscheid namen van de Protestantse Gemeente ’t Harde, kregen we onder andere als afscheidscadeau een bloeiende toverhazelaar. Het is een prachtige struik die in de winter bloeit en midden in de kou en dorheid al vooruit wijst naar de lente. Afgelopen februari liep de struik opnieuw uit en bloeide uitbundig. Als de hazelaar bloeit, is er dus een jaar voorbij – ons eerste jaar in Vriezenveen.

toverhazelaar

 

Hartelijke ontvangst

Terugkijkend kunnen we niet anders zeggen dan dat het een mooi en inspirerend jaar is geweest. Toen we hier kwamen wonen, zijn we hartelijk ontvangen. Een hartelijkheid die het hele jaar met ons mee is gegaan. Het heeft ons alle drie geholpen om ons snel vertrouwd en thuis te voelen in onze nieuwe woonplaats en onze nieuwe geloofsgemeenschap.

Spannende uitdagingen voor een energieke gemeente

Ik heb de Ontmoetingskerk leren kennen als een betrokken gemeenschap met een zeer actieve kern. Het omzien neemt een grote plaats in en er zijn dan ook vele vrijwilligers actief in het bezoekwerk. Het is een gemeente met ruimte, een gemeente die open staat voor nieuwe initiatieven en nieuwe inzichten. Tegelijkertijd is onze gemeente vertrouwd met de rijkdom uit de (liturgische) traditie en wil deze rijkdom ook graag doorgeven aan de komende generaties. Het is een uitstekend fundament om de ontwikkelingen en uitdagingen waar onze gemeente voor staat tegemoet te treden: enerzijds hernieuwd wortelen in de traditie, anderzijds zoeken naar mogelijkheden om aan te kunnen sluiten bij de huidige cultuur. Ik ben enthousiast over de energie in onze gemeente, het meedenken en meedoen van talloze vrijwilligers en de evenwichtige beleidsmatige kaders van de kerkenraad. Spannende ontwikkelingen waar we ons in de komende jaren mee moeten verhouden, is een veranderende betrokkenheid van de nieuwe generaties op geloof en kerk. Het aantal betrokken kerkleden en het aantal vrijwilligers zal minder worden. Tegelijkertijd is er in de samenleving een groeiende behoefte aan zingeving, aan verbondenheid en aan aandacht aan kwetsbare burgers. Veel zaken die nu vertrouwd zijn in de Ontmoetingskerk, zullen heroverwogen moeten worden.

Kerk als gesprekspartner bij levensvragen?

In het afgelopen jaar heb ik veel mensen bezocht. Ik heb geprobeerd om eerst die mensen een bezoek te brengen die door het bezoekteam zijn aangedragen. Mocht u graag met mij een kennismakingsgesprek willen of een gesprek over bepaalde vragen of moeiten, laat het me even weten via ouderling of contactpersoon, of via telefoon of mail. Wat opvalt in de pastorale contacten, is dat de kerk voor de jongere generaties niet meer een vanzelfsprekende gesprekspartner is. Vragen rond gezondheid, levensovertuiging, (ethische) keuzes, zingeving en geloof worden in andere verbanden besproken. Het roept bij mij de vraag op hoe we als kerk weer van betekenis kunnen worden voor een groeiende groep binnen en buiten de kerk.

Haast

Het is een jaar geweest van verkennen, maar ook van haast. Ik heb de indruk dat sommige ontwikkelingen in de cultuur vragen om een snelle reactie. Het is goed dat ik in de gemeente meerdere gesprekspartners heb om mee af te stemmen: wat is wijs, wat is goed, wat is nodig?

Er is zoveel te vertellen over het eerste jaar, maar laat ik hiermee afsluiten: we voelen ons op onze plek, we zijn opnieuw thuis gekomen. Ik kijk met vertrouwen en enthousiasme uit naar het tweede jaar om met de Ontmoetingskerk mee te mogen bouwen aan Gods Koninkrijk.