Tag Archives: twijfel

Brunchcatechese – een veilige ruimte

12 feb

In het afgelopen najaar zijn we begonnen met de brunchcatechese in de Ontmoetingskerk in Vriezenveen. Er waren verschillende groepjes jongeren die graag aan de slag wilden gaan met vragen rond leven en (on)geloof. Studenten en werkende jongeren die geen aansluiting vonden bij de ‘gewone’ catechisatie. Jongeren die al belijdenis hadden gedaan, maar het gevoel hadden na hun belijdenis in een gat te zijn vallen. Jongeren van 17, 18 jaar die zich hadden aangemeld voor de gewone catechisatie.

Brunch2

Uitwisselen van ervaringen

We besloten om deze verschillende groepen bij elkaar onder te brengen: jongeren vanaf 17 jaar zijn van harte welkom om mee te doen met de brunchcatechese. We komen één keer in de twee weken samen op zondagochtend na de ochtendviering of voorafgaand aan de Time-out. Er is geen verplichting om de kerkdienst te bezoeken, maar het is wel mogelijk. Doordat de ontmoetingen in het weekend zijn gepland, is het voor studenten ook mogelijk om aan te haken. Misschien ligt de kracht van de brunchcatechese wel in het gemêleerde gezelschap. Er is verschil in leeftijd (van 17 tot in de twintig), in achtergrond (studenten, werkenden, scholieren) en in levensbeschouwing (zoekers, gelovigen, twijfelaars, ongelovigen). Wat alle deelnemers gemeenschappelijk hebben, is het verlangen om hun eigen gedachten te verhelderen, ervaringen uit te wisselen en van anderen te horen hoe zij met situaties omgaan. Geregeld verkeerden de deelnemers in de veronderstelling dat alleen zij met een bepaalde vraag worstelden, maar het bleek steeds een gedeelde ervaring. Dat was en is bemoedigend gebleken.

Zelf voorbereiden

De opzet van de brunchcatechese is eenvoudig. De thema’s komen uit de  groep en een van de deelnemers bereidt de volgende catechese voor. Zelf voeg ik ook nog enkele gedachten of vragen toe. De voorbereidende overwegingen en vragen worden van tevoren rondgestuurd en dienen als uitgangspunt voor het gesprek. Een andere deelnemer zorgt voor iets lekkers (vaak high tea achtig) bij de koffie – een onderdeel dat haast net zo belangrijk is als het inhoudelijke deel …

Kunnen we doorgaan?

We zijn nu een aantal maanden verder. Ik heb aangegeven met Pasen te willen stoppen met de brunchcatechese, maar de groep wil door. De gesprekken, uitwisselingen en discussies worden als bijzonder waardevol ervaren. Meerdere jongeren gaven aan dat de gesprekken hen hebben geholpen om van ‘neigend naar ongelovig’ de beweging te maken naar ‘misschien geloof ik wel’.

Terreurvrije ruimte

Een belangrijk element is de ‘terreurvrije ruimte’ (een uitdrukking van Verheule over pastoraat in: Angst en bevrijding). Een van de deelnemers gaf aan dat hij vrijwel nergens kan praten over zijn twijfels en vragen. Gelovige vrienden willen hem ‘bekeren’, seculiere vrienden verbazen zich over zijn hang naar geloof. Bij de brunchcatechese is er ruimte om de vragen en twijfels te verkennen, zonder oordelen en zonder verwachtingen. Dat blijkt heilzaam.

Geloven in het dagelijks leven

We gaan een mooi eerste jaar afsluiten. Het krijgt echter nog een schitterend vervolg. Ik heb meerdere gemeenteleden gevraagd of zij na Pasen een brunchcatechese zouden willen verzorgen. Iedereen die ik gevraagd heb, zei gelijk ‘ja’. Er volgen drie catecheses over: ‘geloven en ondernemen’, ‘geloven en besturen’ en ‘geloven en recht doen’.  De gemeenteleden vertellen hoe hun geloof in hun dagelijks leven doorwerkt. Voor welke dilemma’s en keuzes staat een ondernemer? Speelt voor een bestuurder geloof een rol bij afwegingen?

Het zijn ontzettend boeiende ontmoetingen met de jongeren. Het is supergaaf dat gemeenteleden over hun eigen keuzes willen komen vertellen. Mooi om zo samen gemeente te zijn!

Koppig geloven: zwerfvuil rapen in de storm

14 jan

Het is alweer zo’n 12 jaar geleden dat ik schoorvoetend moest toegeven dat ik toch geloof. Jarenlang had ik geworsteld en geprobeerd om los te komen van geloof, los te komen van God. Teleurgesteld in mensen, geloofsgemeenschappen en mijzelf zocht ik naar een andere levensinvulling. In die periode van zoeken was ik onrustig en vaak neerslachtig. Ik zocht gesprekspartners om mijzelf te overtuigen dat ik beter af was zonder God. Een van mijn vrienden die lange tijd geduldig naar mijn warrige uiteenzettingen luisterde, merkte op enig moment op dat hij mij behoorlijk gelovig vond. Ik bleef immers maar over God praten en tegen Hem strijden. Hij adviseerde mij om óf afscheid te nemen van deze weg en echt een andere koers te varen, óf te erkennen dat ik geloofde, alleen niet wist hoe en wat.

Weg terug

Zo begon mijn weg terug. Een nieuwe worsteling. Ok, God, U bestaat. Dat riep echter nog scherpere vragen op. Als God bestaat, waarom is er dan zoveel ellende en zoveel geweld? Heeft Hij überhaupt iets te maken met onze werkelijkheid? Opnieuw een worsteling van jaren. Mijn perspectief kantelde doordat enkele mensen hun ervaringen met God met mij deelden. Kostbare verhalen. Ik begon los te komen van mijn woede, verwijten en bitterheid, en ontdekte dat God mij nooit had losgelaten. Weet hebben van Gods nabijheid werd het fundament waarop mijn geloof, hoop en liefde weer werden opgebouwd.

Geloof als motivatie

Het geloof is mijn motivatie voor mijn zoeken naar recht en gerechtigheid, voor mijn verzet tegen misstanden en voor mijn betrokkenheid op mensen die gebutst en gebeukt door het leven gaan. Het geloof opent een hoop die vele malen groter is dan de ellende, de waanzin en het verdriet waar ik mee geconfronteerd word in gesprekken, in mijn eigen leven en in het journaal. Het is een koppig geloof, een koppige hoop. Omdat ik weet dat het anders kan zijn. Omdat ik me niet neer wil leggen bij haat en bitterheid. Omdat ik geloof in de kracht van de liefde.

plastic tas

Zwerfvuil rapen in de storm

Heeft geloven zin? In deze tijd? Afgelopen vrijdag stormde het. In Vriezenveen zou het plastic afval opgehaald worden en overal waren de zakken met plastic al klaargelegd. De zakken waaiden me om de oren en vlogen over straat, toen ik op weg was naar de bushalte. Sommige zakken waren opengescheurd en de wind speelde enthousiast met het vrijgekomen afval. Aangekomen in Almelo zag ik twee mannen met prikstokken zwerfvuil rapen. Dat is voor mij het beeld van geloven. Zwerfvuil rapen in de storm. Heeft het zin? Nee, natuurlijk niet, maar het maakt wel een verschil en laat zien dat het anders moet en anders kan. Dus ja, geloven heeft zin.

Wat is belijdenis doen?

24 sep

Ook dit jaar is er de mogelijkheid om belijdeniscatechese te volgen. Over het doen van belijdenis bestaan veel misverstanden die mensen soms weerhouden om serieus te onderzoeken of ze wel of geen belijdenis zouden willen doen.

geloven

Geen twijfels meer?

Een eerste misverstand is dat als je belijdenis doet, je laat  zien dat je veel geloof hebt en dat je je twijfels hebt overwonnen. Het misverstand is dat er aan het belijden een status wordt gegeven: je gelooft meer of beter dan als je geen belijdenis doet. Daarnaast wordt de suggestie gewekt dat er na het belijden geen ruimte meer zou zijn voor je vragen, twijfels en aanvechting. Ook dit is niet juist. Het gaat in het geloof niet om verworven zekerheden, maar om het aangaan en groeien van een relatie. Vragen en twijfels kunnen helpen om te groeien in de relatie.

Eindpunt?

Een ander misverstand is dat belijdenis doen gezien wordt als een eindpunt. De gedachte is dat je je hebt voorbereid op het doen van belijdenis. Daar heb je catechese voor gevolgd, en met het doen van belijdenis heb je als het ware ‘het examen’ gehaald. Deze visie past niet zo goed in het Bijbels denken over God en geloven. Zoals boven is aangegeven, gaat het in het geloven om het aangaan van een relatie. Je kunt het vergelijken met het aangaan van een relatie met  een partner, of met trouwen. Je zegt ‘ja’ tegen elkaar, maar gaandeweg verdiept zich de relatie. De trouwdag is geen eindpunt gebleken, maar een startpunt voor het leren kennen. Ook in de kerk gaan we ervan uit dat geloven betekent dat je je hele leven door kunt leren.

Beloofd is beloofd?

Tot slot is een misverstand dat belijden betekent beloven, en een belofte mag je nooit meer breken. Als je zo naar het doen van belijdenis kijkt, komt er een grote zwaarte in mee. Je weet immers niet hoe het in de toekomst zal zijn. Natuurlijk zeg je ergens ‘ja’ tegen, en dat houdt ook een belofte in. Maar de vergelijking met een gewone relatie kan de betekenis van deze belofte helpen verhelderen. Het is weinig mensen gegeven om altijd op een diep niveau van elkaar te houden. Er zijn momenten waarop niet de liefde de basis is onder de relatie, maar trouw. Volhouden en werken aan verbetering. Soms door teleurstelling in je partner, soms door gebeurtenissen. Het valt niet altijd mee om in slechte tijden trouw te blijven. Een belofte kan dan ondersteunend werken en je de kracht geven om door een fase heen te komen. Dat is de ene kant van een belofte. De andere kant is dat de toekomst in een relatie altijd open is. Je maakt een ontwikkeling door. Nieuwe omstandigheden kunnen inhouden dat je je beloften opnieuw wilt herijken. Het doen van belijdenis betekent niet dat je niet opnieuw over je relatie met God zou mogen nadenken.

Wat dan wel?

Wat dan wel? Belijden is ‘ja’ zeggen tegen God. De meesten van ons zijn als kind gedoopt. De doop symboliseert dat je kind van God bent. Het is een teken van het verbond  tussen God en jou. Je ouders hebben de verantwoordelijkheid voor je geloofsopvoeding genomen door ‘ja’ te zeggen, en nu je belijdenis doet, neem je zelf die verantwoordelijkheid. Je staat in relatie tot God, en daar getuig je van.

Belijden is persoonlijk, maar vindt ook plaats in de kerkelijke gemeenschap. Geloven gaat om jouw persoonlijke relatie met God. Tegelijkertijd vindt de belijdenis plaats in het midden van de gemeente. Het is een openbare gebeurtenis. Met ons persoonlijk geloof staan we in de lange traditie van de kerk, en zijn we met andere gelovigen verbonden . Door het doen van belijdenis word je lid van de kerk, of verandert je lidmaatschap. Van dooplid word je belijdend lid.

De letterlijke betekenis van het Griekse woord voor ‘belijden’ is: hetzelfde zeggen, instemmen met. Met al je eigen accenten staan we in de lange traditie van de kerk. We stemmen in met het Woord van God: Gods liefde geeft ons de ruimte om op adem te komen.

Je geloof belijden betekent dat je aangeeft uit wiens hand je je leven ontvangt. Dit hoeft niet met moeilijke woorden gepaard te gaan. De eerste en kortste geloofsbelijdenis is ‘Jezus is Heer’ (Romeinen 10,9).

Deze tijd schreeuwt juist om geloof

23 aug

Zondag mag ik eindelijk weer voorgaan. Door ziekte en vakantie is het alweer enige tijd geleden – 8 juni was de laatste keer in de Ontmoetingskerk. Maar het valt me ook zwaar. In zekere zin voel ik een aarzeling om te spreken. Wat kan er nog gezegd worden als ik alles wat er in de afgelopen maanden tot me door laat dringen? De brandhaarden, de haat, het achteloos vernietigen van mensenlevens. Ik twijfel en worstel. Is er in deze chaos nog ruimte voor God? Is ‘God’ niet onderdeel van de problemen?  Kan ik nog geloven?

moeras

Niemand meer vertrouwen

Geloven valt me zwaar. Wie biedt nog houvast? Waar vind ik nog vaste grond?

Ik geloof niet meer in onze samenleving. Het is ieder voor zich. De discriminatie. Een vraag om toegang tot de gezondheidszorg voor uitgeprocedeerde asielzoekers leidt tot agressieve reacties.

Ik geloof niet meer in onbezorgde toekomst, omdat die toekomt zomaar uit handen geslagen kan worden. Een vliegtuig. Een slecht nieuws bericht in het ziekenhuis.

Ik geloof niet meer in onze regering omdat kwetsbare en arme mensen steeds meer in het nauw worden gedreven door allerlei maatregelen. Recht en gerechtigheid lijken opgegeven.

Ik geloof niet meer in de gezondheidszorg, omdat niet langer de waardigheid van het leven en zorgzame aandacht sturend zijn voor beleid, maar efficiency en economische argumenten

Ik geloof niet meer in de mensheid, omdat buren zomaar moordenaars kunnen worden, omdat mensen moreel totaal losgeslagen kunnen raken en alle verantwoordelijkheid uit de weg gaan – in naam van hun god

Ik geloof niet meer – ik worstel, val, zoek naar woorden.

Reflex: zelfhandhaving

Wat opvalt, is de reflex van zelfhandhaving. Zowel in het kwaad dat wordt aangedaan als in de reacties op het kwaad. Hoe blijf ik overeind? Ook al gaat dat ten koste van de ander – ik moet mijzelf handhaven. Alle middelen zijn hiervoor toegestaan – ook God. Maar zodra god voor zelfhandhaving wordt gebruikt, verwordt geloof tot religie. Het dient de reflex om zelfbehoud dat gevoed wordt door angst, bitterheid en agressie. Vanuit die reflex neem ik, sla ik om me heen, neem ik wraak – voordat die ander mij iets aandoet.  Het is een reflex die al aan het begin van de Bijbel beschreven wordt. Lamech, een mannetjesputter, brulde en bralde het al: een ieder die mij iets aandoet, krijgt het zevenvoudig terug.

Dopen – wat geven we onze kinderen mee?

Wat geven we onze kinderen mee? Wat is onze levensovertuiging? Leren we hen te groeien in de reflex van zelfhandhaving? Als de enige manier om in deze wereld overeind te blijven? We mogen zondag dopen. Het is goed om daar opnieuw bij bepaald te worden, om ook bij de doop te starten. Het verhaal van de Bijbel is dat God ons aanspoort en uitdaagt om niet langer vanuit de reflex te leven, maar vanuit de liefde van God, Het is dat geloof waar onze wereld om schreeuwt.

Deuteronomium 32

Zondag gaat het over Deuteronomium 32. Over gevonden worden. Ja, ook in die worsteling. In het niet weten. In de dorre woestijn. Gezien, ruimte om er te mogen zijn. Het gaat over geliefd zijn – Gods oogappel. Dát is de grond waarop we mogen staan. Dat is de richting die ons leven bepaalt: kijken met Gods ogen – de ander als een geliefd mens van God. Het betekent opstaan tegen onrecht. Het opent de weg naar echt leven: niet de weg van wraak en bitterheid, maar van ruimte, recht en vergeving. Onmogelijk? Nee, dat niet, wel moeilijk. Een bijzonder verhaal over proberen tot vergeving te komen lees je hier.